![]() |
||||
Stop je leuter in een kleuter! |
||||
New York City biedt alles wat je in romantische buien van Amerika verlangt; snelheid, van Lotje-getikten, zich vrij voelen in omgang met de mede-mens en alles, ieder telefoontje, ieder gesprek doordesemd van het gevoel: "Hier word ik niet zo uitgelachen als in Nederland." Nu ja; ieder z'n jongensdroom. Ik was in die grote stad om "Blind Date" te vertonen en jawel, sommige aanwezigen pinkten een traantje weg. Terug in het vliegtuig viel ik met m'n neus in de boter met het Algemeen Dagblad, zoals bekend al jaren verwoed in de weer om een heuse grote mensen-krant te worden. Op de voorpagina werd 'het plagiaat' van Margriet de Moor gemeld. De schrijfster verklaarde zichzelf 'te goeder trouw' en hoewel ze natuurlijk loog, miste ik in mezelf het leedvermaak dat mij doorgaans bekruipt als één van onze Literatoren weer eens uit de snoeppot van een ander heeft gejat. Dat komt, de boekjes van Mevrouw de Moor zijn zo hulpeloos geschreven dat je haar lezers een permanent plagiaat toewenst. In sommige handen wordt Literatuur een voortdurende marteling om de oogjes open te houden. Moge Mevrouw de Moor nog maar lang voortkreupelen aan het firmament der vaderlandse letteren. De hoofdstedelijke PVDA wil pedofiele leraren een tweede kans geven, 'want anders is hun hele leven verwoest'. Het socialisme zoals die meneren en mevrouwen zich dat voorstellen heeft een ongezonde belangstelling voor Daders, ingegeven door perverse minachting voor de pijn van hun slachtoffers. Er zijn kinderen die in zekere zin levenslang krijgen door wat hen werd aangedaan, gekooid als ze worden achter onzichtbare tralies van schaamte. Ik ben geneigd ieder volksgericht te veroordelen, maar als in de Verenigde Staten pedofielen onder schuilnaam worden ontmaskerd en bekend gemaakt in de buurt, kan ik daarover niet rouwig doen. Wel word ik achtervolgd door de herinnering aan een pedofiele jongeman die ik goed gekend heb in Wassenaar, wiens broers glunderend naar hem opkeken als er op televisie een Venz-commercial voorbijkwam waarbij kindertjes een paraplu opstaken onder een regen van hagelslag. De jongeman in kwestie loerde tijdens het speelkwartier naar de schoolpleinen, verscheurd tussen begeerte en afkeer van zichzelf, "want 't is niet goed wat ik wil." Hij deed niks en stierf als volleerd alcoholist op z'n dertigste in z'n eigen kots. Mijn probleem is, denk ik, dat ik zelf vader werd en me niet veroorloven kan of wil om genunanceerd te denken over wie aan mijn jongen zou komen. Moord, doodslag, ik zou door muren heen gaan om wie met z'n tengels aan mijn bloed zit te grazen te nemen. En de Grieken dan, tweeduizend jaar geleden, die schuldeloos grossierden in schandknapen? Ik aarzel en heb niks beters dan: "Jij gelooft toch ook niet meer in het orakel van Delphi?" Ik gun kinderverkrachters hun levenslang in de hel van de gevangenis waar ze alleen veilig zijn in de Pedovleugel. Maar in m'n achterhoofd fluistert een lastig stemmetje dat maar niet tot zwijgen wil komen: "Je hoort bij de zwijgende meerderheid, klootzak, je bent even dom als al die andere handelsreizigers van het Gezonde Volksgevoel." Mijn Paard van Troje heet Twijfel, niet te onderdrukken, niet te overschreeuwen en vooral; mijn zekerheden ondergravend. Ik doe m'n ogen dicht, zie voor me hoe m'n zoon wordt ingepalmd door een sympathieke 'oom' en voel een hamer in m'n hand om diegene eens lekker wakker te slaan op z'n schedel. Zou ik ook zo ontketend raken als Lieuwe in de klauwen van een 'tante' viel? 't Is pathetisch. ![]() |
||||
| Inhoud | Recreatie | U Schreef| Archief | Service | Slijmen
of Schelden? Schrijf Terug! |
|||