{short description of image}


Omdat mijn fiets daar stond


Bij mij om de hoek is een fietsenmaker. Deze week was de straat voor zijn winkel afgezet omdat een Marokkaan een dolk in z'n buik had gestoken. De assistent van de fietsenmaker was dood, want toegesneld toen de baas inéénzeeg; weer had deze Marokkaan geprikt. De reden van dit alles was hierin gelegen dat de Marokkaan vond dat de reparatie van het wiel van z'n scooter niet snel genoeg werd verricht door de fietsenmaker.
Sommige Marokkanen hebben altijd haast.
In Het Parool haalde het drama de voorpagina, AT5 wijdde een uitzending als een brug der zuchten aan de steekpartij, zelfs NRC-Handelsblad schreef er vier regels over. 't Gekke was, nergens kon je zien of horen dat de moordenaar een Marokkaan was: "De zesentwintigjarige man heeft zich later aangegeven."
Je mag in een krant niet schrijven dat een Marokkaan wel 'ns haast heeft bij de fietsenmaker en daarom een dolk tevoorschijn haalt. Zo mocht je tot voor kort ook niet schrijven dat veertig procent van de jeugdcriminaliteit van Marokkaanse origine is. Of dat er een rechter rondloopt in Amsterdam die geen Marokkanen meer mag vonnissen omdat z'n dochter zelfmoord heeft gepleegd na te zijn verkracht door twee Marokkaanse jongens. Of dat de winkeliers op het August Allebéplein in Amsterdam West geterroriseerd worden door Marokkaanse jongeren. Of dat de Amsterdamse jeugdrechter wel met Marokkaanse ettertjes op stap gaat om de buurt te bekijken, maar niet met Nederlandse. Die zijn, publicitair gezien, nu eenmaal minder interessant.
't Zou stigmatiserend werken als in de meeste van deze gevallen het woord 'Marokkaan ' aan bod kwam. Het woord 'Marokkaan ' mag alleen genoemd worden in verband met toegenomen oogsten van dadels, op papier geslaagde 'integratie'-projecten en respect voor de stokslagen van de Profeet.
Mijn buurvrouw is een respectabel iemand met verlichte opvattingen over Marokkanen. Ik mag haar graag en als ik haar in meest zwarte termen de zegeningen van Allah schilder, lacht ze me uit en zegt: "Ik voel me niet bedreigd!"
Toen ik haar vertelde van de Marokkaan, zei ze: " 't Had ook een Turk of een Nederlander kunnen wezen. Die fietsenmaker maakt altijd dealtjes. Dat kan een keer fout gaan."
Inderdaad, 't had een Turk of een Nederlander kunnen wezen die vond dat 'ie niet snel genoeg geholpen werd. Maar 't was een Marokkaan .
't Is meestal een Marokkaan .
Ik vond 't leerzaam om de eerste reflex van progressief fatsoen bij mijn buurvrouw meteen de Nederlandse fietsenmaker verdacht te zien maken. Buurvrouw heeft heel de mensheid lief (behalve Nederlandse fietsenmakers) en vooral ook onze broeders en zusters wier cultuur flikkers veracht, vrouwen minderwaardig vindt en die in de kerkers van Koning Hassan -waar, zoals bekend, de vrijheid van meningsuiting welig tiert- jou ongezonde denkbeelden afleert.
Als ik mijn buurvrouw hoor, bekruipt mij een zeker heimwee naar de dagen dat ik zelf nog politiek-correct geen Marokkaan zag, alleen 'de kansarme allochtoon'. De wereld is overzichtelijk als je kijkt met de bril die in de vrome pastorie van Links gedragen wordt. Alleen; ik geloof die bril niet als ik niet mag zeggen dat een Marokkaan een Marokkaan is.
Natuurlijk mag ik niet generaliseren. Ik heb groot respect voor de Marokkaanse meisjes die zich tegen de klippen op van hun autoritaire broers en vaders losmaken; niet elke Marokkaan is een moordenaar; en ik heb me wel eens gek gelachen om een Marokkaanse stand-up-comedian.
Maar zolang zedenmeesters van de Correcte gemeente mijn Marokkaan de Moordenaar verdonkeremanen in de krant of op TV, zolang belief ik Marokkanen Marokkanen te noemen. Mijn buurvrouw meent in stilte dat ik 'discrimineer' en hoewel mìj te binnen schiet "Zalig zijn de onnozelen van geest", neem ik haar niks kwalijk.
Ze weet niet beter.
Ik wel.





Inhoud | Recreatie | U Schreef| Archief | Service
Slijmen of
Schelden?
Schrijf Terug!