Aan de vice-president van de Amsterdamse
rechtbank,
tevens lid van de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak
Mr. J. Westhoff
Gouda, april 2004
Geachte heer
Westerhoff,
Onlangs ontving ik een bandje van de radio-uitzending waarop het uitgezonden
deel onze ''discussie" was weergegeven over de 'leidraad onafhankelijkheid
rechterlijke macht', dat lijstje met aanbevelingen voor rechters dat ze
bijvoorbeeld geen zaken van hun familieleden moeten behandelen. Zoals u weet
komt dat voor, ook in uw rechtbank.
Jammer dat ze uw opmerking geknipt hadden waarin u meedeelde het op prijs te
stellen dat ik de rechterlijke macht kritisch volg. Op die een of andere manier
krijg ik namelijk altijd de indruk van het tegendeel wanneer ik een lid van uw
vereniging op het oog heb die m.i. best wat kritische aandacht kan gebruiken.
Of zoals Mr. Van Delden, de baas van de Raad voor de Rechtspraak het zei,
"ik stel het op prijs dat u de rechtspraak kritisch blijft volgen, ook al
betreur ik het dat u de trom van partijdigheid, belangenverstrengeling en
onbetrouwbaarheid blijft roeren zonder daarvoor met aansprekende voorbeelden te
komen". En ook u bleef maar benadrukken dat de situatie binnen de
rechtspraak zeker niet van dien aard was dat een interne leidraad om
partijdigheid te voorkomen nodig was. Het klonk net zo geruststellend als een
ziekenhuisdirecteur die ongevraagd naar buiten brengt dat zijn chirurgen echt
wel eerst hun handen wassen voor een operatie. Of de KLM die meedeelt dat zijn
vliegers echt de aanbeveling meekrijgen dat ze niet mogen drinken tussen start
en landing.
Vreemd dus dat ze zich in uw kringen vanaf 1996 toen enkele verontruste burgers
in hun IRM (Integriteit Rechterlijke Macht) rapport onthulden wie er in dit
land allemaal voor "onafhankelijke" rechter spelen, bezig houden met
een niet bestaand probleem. Zelfs een aansprekend voorbeeld van
onbetrouwbaarheid kennen ze niet. Maar zo moeilijk kan dat toch niet zijn?
Vanaf 1996 werd bijvoorbeeld met enige regelmaat bekend dat uw leden op grote
schaal de wet overtraden door nevenfuncties geheim te houden. Bij zo´n
gelegenheid, op 24 mei 1997 vindt uw vereniging dat nog "slordig" en
"geen schone zaak" en oud-president Gisolf van uw rechtbank wist te
melden dat vooral plaatsvervangers niet happig waren om hun bezigheden te
melden. "De animo ontbreekt" zei hij, hetgeen blijkbaar voldoende
reden was. En Van Delden zelf merkte op "een deel vertikt het of vindt het
niet nodig. Het enige middel is om is deze rechters niet meer in te
zetten".
Maar een half jaar later als iemand in de NRC geschrokken en boos inhakt op
rechters die hun nevenfuncties verzwijgen, schrijft dezelfde Van Delden zonder
blikken of blozen: "Van geheim gehouden nevenfuncties is nimmer sprake
geweest" (NRC 7 november 1997).
Of wat te denken van jonkheer Huydecoper (qua arrogantie goed vergelijkbaar met
de Wijckersloot) die zich met een claim van f 38 miljoen aan zijn broek in 2001
liet benoemen tot Advocaat Generaal bij de Hoge Raad en en passant een
verkeerde opgave deed van een van z´n nevenfuncties.
Een jaar daarvoor op het symposium "Voorkoming van schijn van
partijdigheid" in Arnhem smaalde deze advocaat, deken en plaatsvervangend
raadsheer nog "dat het IRM-rapport slechts een verzameling anekdotes en
geruchten bevatte" en hij voegde daar tevreden aan toe: "In Holland
waarschuwen wij graag tegen zelfgenoegzaamheid maar een beetje voldoening over
het feit dat er in dit verband werkelijk geen echte gevallen van twijfelachtige
onpartijdigheid aan het licht zijn gekomen, is toch op zijn plaats". En
terwijl zijn buitenlandse tegenpartij zich suf procedeert voor die 38 miljoen,
weet die niet dat Huydecoper zich laat bijstaan door een advocaat die tevens
rechter en raadsheer is en dat de jonkheer inmiddels zelf tot de Hoge Raad is
toegetreden.
Terugluisterend vond ik uw bijdrage dan ook niet bijster sterk.
Op een simpele vraag of er sancties op staan wanneer u en de uwen deze
aanbevelingen negeren had u heel veel woorden nodig om uit te leggen,
"Ja
[heel veel woorden] ....daar staan geen sancties op".
Op zich logisch want voor een niet bestaand probleem hoef je ook geen sancties
te bedenken. En voor een wel bestaand probleem heeft u ze niet en bedenkt u een
typische rechtersoplossing. Want ik moest eens ophouden over die verzwegen
nevenfuncties omdat er immers afgesproken was u veronderstelde dat bij
mij bekend - dat rechters die weigeren om hun nevenfuncties bekend te maken,
vooral plaatsvervangers, nooit meer ingezet zullen worden als rechter. Dat
klonk alsof er afgesproken was dat er voortaan geen uitkeringen meer verstrekt
worden aan mensen die daar geen recht op hebben.
U zei daarmee eigenlijk dat de advocaat die graag voor rechter wilde spelen
maar op z´n privacy gesteld was, nooit een probleem vormde. Omwille van de
werkdruk was zo'n type van harte welkom en kon die jarenlang meebeslissen over
zaken waarbij zijn kantoorrelaties en die van zijn nevenbetrekkingen betrokken
waren. Kom er maar eens achter dat het niet zo was en in die zin heeft u
natuurlijk wel gelijk dat u geen aansprekende voorbeelden van partijdigheid
kent. Doorgaans hangen direct betrokkenen dat niet aan de grote klok en het was
dan ook niet rechter Letschert maar de gedupeerden van Pakhuis Wilhelmina die
naar buiten brachten dat hun zaak behandeld was door de broer van hun
tegenpartij.
Maar geen rechtbankpresident, Raad voor de Rechtspraak, Hoge Raad, minister of
Boris Ditrich die op het idee kwam om eens aan te dringen op een volledige
opgave van hoofd- en nevenfuncties zoals de wet voorschrijft. Nee, daar was
immers geen animo voor en dus is er afgesproken (met wie?) dat er binnenkort
een X achter de naam van bepaalde types komt te staan om te voorkomen dat die
ooit nog als rechter optreden.
Maar dat valt nog niet mee want hoe weet u nu dat een amice maar 2 van de 5 of
alle 5 zijn nevenfuncties verzwijgt? En wie weet, misschien loopt er wel een
eerlijke rond (ik geef toe
het vergt enig voorstellingsvermogen) die
helemaal geen nevenfuncties heeft en dus ook niets opgeeft. Krijgt ie toch een
X achter zijn naam!
Wat ik maar zeggen wil: als heel juridisch en politiek Nederland in 7 jaar tijd
niet eens in staat is om een bij wet verplichte betrouwbare en volledige opgave
van nevenfuncties af te dwingen en te publi-ceren, waarom valt u dan iedereen
lastig met een door uw leden gecreëerd probleem? There are no problems,
there are only people.
Hoogachtend,
Paul Ruijs
pruys@wirehub.nl
Vorige brief Paul Ruijs
|