Aan het bestuur en de Raad van Toezicht van de
Stichting ter Bevordering der Notariële Wetenschap
t.a.v. de secretaris Mr. J. Borren
Van Eeghenstraat 222
1071 GM Amsterdam
Geachte mijnheer
Borren,
Gouda, 23 februari 2004
De een wil vliegenier worden, de ander brandweerman en weer een ander zangert.
En sommige jongens (en meisjes) worden notaris. Op school zat ook altijd zo'n
jongetje dat bij gym niet in de touwen kon klimmen, op de sportdag altijd als
laatste gekozen werd en nooit op feestjes kwam maar die ondertussen goed
verdient aan z'n verplicht voorgeschreven dienstverlening. Niet iedereen is in
de wieg gelegd voor notaris. Het Meldpunt Ongebruikelijke Transacties (MOT)
constateerde vorig jaar dat "notarissen zich te veel onttrekken aan de
wettelijke verplichting om dubieuze transacties te melden". De 3 meldingen
uit het notariaat staken inderdaad wat magertjes af bij de 37.500 meldingen van
banken, casino's en andere financiële instellingen in dezelfde periode.
Volgens mijnheer Salomons, notaris en bestuurslid van de Koninklijke
Notariële Broederschap (KNB) kwam dat omdat criminelen inmiddels wel weten
dat notarissen bedragen boven de 10.000 euro niet in ontvangst nemen! Zoals
gezegd, alleen sommige jongens en meisjes worden notaris. Maar mijnheer
Salomons erkende ruiterlijk dat het MOT wel een beetje gelijk had en dat
notarissen blijkbaar nog moesten wennen aan die nieuwe regeling. En gelukkig is
er dan ook nog uw wetenschappelijke stichting die uitkomst biedt als het voor
de gemiddelde notaris allemaal wat te veel wordt tussen zijn paperclips,
stempeltjes en nietjes. Het valt ook niet mee om al die actes, wetten,
vonnissen en notulen te lezen, te begrijpen en goed aan mekaar te nieten en
netjes op te bergen. Zelfs voor het tuchtrecht.
Zo vatte de Haagse Kamer van Toezicht (tenslotte ook maar een gewone
vice-president, een kantonrechter, belasting inspecteur en twee notarissen) in
het kader van een klachtenprocedure het standpunt van een notaris (die wat meer
dan 10.000 euro in ontvangst had genomen) ooit als volgt samen: "de
notaris heeft opgemerkt het vonnis zonder begeleidende toelichting te hebben
ontvangen en dit zonder nadere lezing te hebben weggeborgen.
.. zodat haar
niet valt te verwijten dat zij het vonnis niet heeft gelezen". Voor de
goede orde: Een notaris krijgt een enveloppe, voelt dat er iets in zit, maakt
hem open, er zit een vonnis in maar
. geen briefje dat ze dat moest lezen!
Goed dus dat er hoger beroep bestaat bij het gerechtshof in Amsterdam waar
professor Stille van uw stichting raadsheer is. En gelukkig dat die de Haagse
Kamer van Toezicht uitlegt: "Het hof merkt hierbij terzijde nog wel op dat
van een notaris, met name onder omstandigheden zoals hier aan de orde, mag
worden verwacht dat zij van de inhoud van de haar toegezonden stukken te allen
tijde goede nota neemt". Wat een wijsheid! Wat een klasse! En zo subtiel!
Kijk, dankzij dit soort toppers wordt toch maar duidelijk dat notarissen hun
post weliswaar niet moeten lezen maar dat je het in ieder geval van ze
mag verwachten. Ook als er geen begeleidend briefje bijzit.
En thans loop ik weer tegen een vergelijkbaar wetenschappelijk probleem aan
waar ze binnen het gewone notariaat en de KNB niet uitkomen zodat uw wijsheid
dringend nodig is.
Een notaris legde zijn klant een verhuurder van een stuk grond - ooit
een concept overeenkomst voor die precies weergaf wat de bedoeling was. Na een
laatste vergadering tekenen partijen een week later bij de notaris de
definitieve overeenkomst. Acht jaar later komt het contract uit de kast dat bij
nader inzien op heel wat punten afwijkt van het concept. De notaris legt de
verhuurder uit dat uit de notulen blijkt dat hij op de laatste vergadering met
al die wijzigingen ten gunste van de huurder had ingestemd. De verhuurder
ontkent dat en weet zich daarbij gesteund door de herinneringen van zijn
boekhouder. Maar desgevraagd weigert de notaris inzage te geven in die notulen
en beroept zich daarbij op "het ambtsgeheim". En als met zijn
standpunt geen genoegen wordt genomen moet men volgens de notaris maar naar de
rechter. (die heeft toch niets te doen)
U snapt het al, notarissen die achter je rug om in actes knoeien en zich
vervolgens op het ambtgeheim beroepen lezen misschien ook hun post niet goed en
wennen misschien nooit aan de MOT. De KNB die moet toezien op de eer en het
aanzien van het notarisambt heb ik het probleem voorgelegd. Temeer omdat die
als wettelijke taak heeft om de vakbekwaamheid en de goede beroepsuitoefening
van notarissen te bevorderen. Maar mr. J.A.M. Janssens, secretaris
praktijkbeoefening kwam er niet uit. Blijkbaar te hoog gegrepen (ik geef toe,
wel of geen inzage in notulen was ook geen gemakkelijke vraag) want hij verwees
naar de tuchtrechter, in casu de Haagse Kamer van Toezicht. Maar ja, of dat nu
zo'n goed idee is? Hij schreef me overigens zonder hard feelings (tenminste,
hij tekende met vriendelijke groet) dat "verdere correspondentie met u
over dit onderwerp geen enkele zin heeft" en dat hij mijn "eventuele
vervolgbrieven dan ook niet meer zal beantwoorden".
Ik heb dus maar wat dorpsnotarissen gebeld en bij 12 ben ik opgehouden nadat
die allemaal uiterst vriendelijk en behulpzaam opmerkten dat het ambtgeheim
natuurlijk niets te maken heeft met de inzage van notulen van gesprekken waar
beide partijen bij aanwezig waren.
U ziet dus de dreigende chaos ontstaan.
Een Kamer van Toezicht die tobt of notarissen stukken nu wel of niet moeten
lezen, een gerechtshof dat het ook niet echt weet, een KNB die denkt dat
criminelen weten dat notarissen geen grote bedragen meer aannemen en niet weet
of dorpsnotarissen het ambtsgeheim schenden of niet.
Ik stel voor dat al uw hoogleraren notarieel recht een congres organiseren om
op deze prangende vragen een gefundeerd wetenschappelijk antwoord te formuleren
al was het maar om die 12 dorpsnotarissen tenminste een keer serieus te nemen.
Hoogachtend,
P.P.M. Ruijs
Cc: www.degezonderoker.nl
pruys@wirehub.nl
Vorige brief Paul Ruijs
|