|
Verschenen in Het Parool 03-04-2004
Met de pet in de hand
Toen ik zeventien was, wilde ik een hoop, maar vooral naar Amsterdam. Inmiddels
woon ik hier bijna dertig jaar en blijf er vermoedelijk m'n dagen slijten. Tot
mijn genoegen zal dat niet zijn en dat is maar goed ook.
Het prettige van Amsterdam is dat ik me er nooit thuis heb gevoeld. Geboren en
getogen Amsterdammers hebben altijd de mond vol over 'Amsterdamse gein' en
'iemand voeren', maar O wee als je wat terug zegt. Het cynisme van Hagenezen is
honderd keer geestiger en meer van de grote stad dan wat die jofele
Amsterdammers met hun lange tenen aankunnen. Het stemt dankbaar dat de meeste
van de hier beschreven Mokummers tegenwoordig gezellig zitten te kankeren op
hun woonerf te Almere of hun woonkazerne in Purmerend.
Ik vind het prettig om me ergens niet thuis te voelen, deftig gezegd 'om als
vreemdeling door je' eigen stad te gaan', omdat 't me behoedt voor chauvinisme
en vals sentiment.
Bewijzen kan ik 't niet, maar naar mijn gevoel is dat Amsterdam in de loop der
jaren provincialer geworden. Amsterdam is zonder twijfel de slechtst bestuurde
stad van het land, met z'n afzichtelijke deelraden en blunderende
burgemeesters. Amsterdam waant zich nog steeds dé stad waar nieuwe
ideeën wortel schieten, maar heeft die positie allang verloren aan
Rotterdam. Amsterdam is zelfgenoegzaam, traag en vooral een stad die z'n veren
oppoetst met het verleden.
Burgemeester Van Thijn was als zelfbenoemd Feldwebel van de Gedachtenpolitie zo
doortastend om de schrijver W.F. Hermans toegang tot de stad te ontzeggen, een
schaamteloze exercitie in politieke correctheid die hem nooit is nagedragen.
Wat je noemt een idealist. Van idealisme kun je zijn huidige opvolger
niet verdenken.
Burgemeester Cohen is druk bezig 'de boel bij elkaar te houden'. Toen de Vijfde
Colonne van de geitenneukers namens Allah meer dan tweeduizend Amerikanen om
zeep hielp in het World Trade Center, was de eerste gang van onze burgemeester
naar de moskee, om symbolisch van 'onze verbondenheid' met de cipiers van Mekka
te getuigen. 'De boel bij elkaar houden' betekent in het openbaar debatteren
met pooiers van de Profeet als Aboe Jah Jah. Dat de burgemeester van Amsterdam
het gedachtegoed van religieuze fascisten sanctioneert door ze openlijk als
'gesprekspartner' aan te merken, is een verrassende uitleg van de zegeningen
van een multiculturele samenleving. Cohen heeft alle er alle begrip voor dat
'veel mensen de pest hebben aan Amerika' en dat leverde hem prompt de
complimenten op van dezelfde Aboe Jah Jah: "Eindelijk een politicus die
mij begrijpt!"
Met sommige vrienden heb je geen vijand meer nodig.
Het rituele gebabbel ter ere van Dodenherdenking werd door Cohen aangegrepen
voor een aanval op autochtone Amsterdammers die zich niet zouden openstellen
voor 'de Ander'. Tegelijkertijd voetbalden even verderop Marokkaanse jongeren
met de grafkransen van een belendende 4 Mei-viering. Ook dat wierp een helder
licht op wat Burgemeester verstaat onder 'de boel bij elkaar houden'. Als er
iemand is die niet van 40-45 geleerd heeft hoe onverstandig 't is om te
willen
samenleven met marcherende laarzen die om 'respect' dreunen, is 't deze
burgemeester. Een oplichter die, in de woorden van Felix Rottenberg 'laf en
lui', premier wil worden. Gezien het gestuntel van Woutertje Bos zal dat zeker
lukken.
Zijn opvolger gaat Rob Oudkerk heten, ook al zo'n grote denker die als een
juweel flonkert in de kroon van de Sociaal-Democratie. In Amsterdam is de
Vooruitgang onstuitbaar.
Zoals gezegd, anders dan Van Thijn kan Cohen er niet van beticht worden over
idealen te beschikken. Op zich geeft dat een veilig gevoel, maar de vraag is of
Cohen's veel geroemde 'pragmatisme' Amsterdam tot voordeel strekt. Burgemeester
had goed in de gaten dat de blanke middenklasse in moordend tempo bezig is de
stad te verlaten en heeft z'n conclusies getrokken. Ik vermoed dat zijn buigen
voor duistere Middeleeuwers die vanuit de moskee gelovigen en ongelovigen
proberen te terroriseren, bijdraagt aan het gevoel van malaise dat ondernemende
Amsterdammers doet vertrekken.
In Amsterdam werd opvoering van het toneelstuk "Aïsja"
onmogelijk gemaakt door fanatieke moslims. Je hoort Burgemeester er niet over.
Hij durft ook niet in discussie te gaan met de gans Fatima Elatik, het
troetel-allochtoontje dat namens zijn partij die censuur verdedigde. Voor een
stad die pretendeert een centrum van Kunsten te zijn, is dat nogal
genânt, zou je kunnen zeggen, maar
Cohen taxeerde terecht dat in Amsterdam vrijheid van expressie niemand wat kan
schelen. Ooit werd in Amsterdam Voltaire gedrukt, omdat zulks nergens anders in
Europa mocht. Vandaag zou Voltaire vermoedelijk een 'klacht' aan z'n broek
hebben gekregen van het mede namens Cohen gesubsidiëerde
Anti-Discriminatie-Bureau.
Twintig jaar geleden kon in Amsterdam een film als The Life of Brian,
waarin een nep-Heiland jubelend aan het kruis het christendom belachelijk
maakte, overal vertoond worden en gretig bezocht. Ik denk dat een soortgelijke
satyre op Mohammed niet meer vertoond zou kunnen worden in deze stad. Dat heeft
ook te maken met Burgemeester's weigering om de vrijheden van het beschaafde
Westen in de moskee te verdedigen.
Het is flauw om mijn gevoel van in Amsterdam minder-thuis-te horen dan ooit,
aan één doortrapte bestuurder op te hangen. Cohen belichaamt een
klimaat van met de hand in de pet onderdanig zijn aan agressieve gelovigen dat
door de hele gemeenteraad gedragen wordt. Privé is 'ie vast een aardige
man en 't was een staaltje van adembenemende hypocrisie om hem collega Oudkerk
een mes in de rug te zien steken.
Maar mìjn burgemeester is 'ie niet en ik zou hem willen uitnodigen om
naar aanleiding van dit stukje een rapport aan te vragen bij de wakkere
strijders van de AIVD waarin mijn 'haat-zaaien' aan de kaak wordt gesteld. Er
is vast een imam die hem daarvoor zal complimenteren.
Zet 'm op, Job!
Amsterdam is voor mij ook het gekwijl op AT5 rondom Sjakie Wolfs, gepensioneerd
materiaalman bij Ajax; en de onderdanige vraaggesprekken op datzelfde
TV-station met Burgemeester. Amsterdam is voor mij een gediplomeerde onbenul
als Bas Heijne, opinieleider van NRC-Handelsblad, dat liever Albert Verlinde
heeft als columnist dan Max Pam. Omdat ik van nature van het harmoniemodel ben,
noem ik verder liever geen namen.
Amsterdam onder Cohen wil 'tolerant' zijn, maar is vooral onnozel. Amsterdam
onder Cohen wil bij de tijd zijn, maar is een spookhuis van verkeerd begrepen
idealen die in de pompeuze woorden van onze burgemeester iets
nachtmerrieachtigs krijgt. Amsterdam is de eerste stad waar onze vrijheden
verdonkeremaand zullen worden onder de noemer 'respect voor andere culturen'.
Cohen zij de glorie.
Theo van Gogh
|