Ik ben niet onverdeeld gelukkig
Ik ben niet
onverdeeld gelukkig met de opening van de grenzen van het grondgebied van het
Koninkrijk der Nederlanden voor Poolse gastarbeiders. Het mag zo zijn dat
regering Kok dit indertijd heeft toegezegd aan de regering Miller van de Poolse
Republiek. En dus: pacta sunt servanda. Dus het Nederlandse parlament moet in
dezen haar bek houden of zeggen dat zij met de grondbeginselen van
internationaal recht haar achterwerk afveegt.
En toch: ik ben niet gelukkig
met een overmatige toevloed van poolse armoezaaiers naar Nederland. Want net
hebben mijn poolse medeburgers een goede reputatie opgebouws als degelijke
opknappers van woningen in de Nederlandse binnensteden. Net hebben poolse
artsen verplegers en werkers in de ouderzorg een voorlopige verlenging van
contracten gekregen en inburgeringsplicht dus Nederlandse les. Net hebben
poolse meisjes zich een goede plaats verworven in de Nederlandse erotische
industrie. Net hebben hun minder aantrekkelijke zusters een vaste plaats
verkregen in het kleinschalige en grootschalige schoonmaakbedrijf. Al hen wacht
na 1 mei (toetreding van Polen tot de Europese Unie) legalisering, sociale
voorzieningen en belastingheffing. En wat krijgen we nou?
Een toevloed van rif-raf uit de
armste en meest achterlijke streken van Polen dus: Galicie, Pruisen, provincie
Lublin, de hele Oostkant aan de overkant van de Weichsel. Deze lui spreken geen
enkele taal, hebben geen enkele opleiding of opvoeding en hun behoefte doen ze
het liefst op de Herengracht voor de ambtswoning van burgemeester Cohen.Wel
zijn ze erg goedkoop. Dus: huisjesmelkers, vrouwenhandelaars, aspergeboeren,
opgelet! Dit is uw kans!
Michal Korzec
|