Kiekjes
"Van der Graaf krijgt vier minuten afscheidsapplaus" was de kop boven
een berichtje in Adformatie deze week waarin de ontslagen HMG-topman Dick van
der Graaf wordt uitgeluid. De wakkere verslaggever stond met een stopwatch in
de hand om het HMG-personeel een lijk te horen bezingen, nu ja, een lijk, nog
één keer kwispelstaartend voor het mislukte baasje.
Adformatie: 'Volgens een HMG-woordvoerder vond Dick de financiële doelen
van de aandeelhouders te hoog. Een ingewijde zegt dat hij teveel kosten heeft
gemaakt
en daarop is afgerekend.'
Die aandeelhouders waren de Luxemburgers van RTL, aangevuurd door het Duitse
uitgeversconcern Bartelsman, dat als nieuwe grootaandeelhouder na jaren verlies
nu eindelijk wel 'ns winst wilde zien bij de HMG-groep. Zij vaardigden tezamen
een delegatie af die Dick kwam uitnodigen per 1 Oktober a.s. ontslag te nemen
en aldus de eer aan zichzelf te houden. Van der Graaf verliet daarop huilend
het pand.
Adformatie meldt nog fijntjes dat de ontslagen employée 'door Theo van
Gogh "pygmee op plateau-zolen" werd genoemd' en Van der Graaf heeft
dat in zoverre aan zichzelf te wijten dat 'ie in eerdere toespraken en
zogeheten 'pep-talks' tot het personeel wel drie keer 'pygmee op plateau-zolen'
heeft opgevoerd als typerend voor mijn schandelijke gedrag en als voorbeeld van
hoe een HMG-medewerker zich dus niet dient te uiten. Waarna de dames en heren
het gelijk van mijn omschrijving in levende lijve voor zich zagen als meneer
zich uitrekte op het spreekgestoelte in een poging om boven de rijen uit te
torenen; en hun neiging te giechelen om spreker onderdrukkend.
Van der Graaf heeft niet één programma bedacht of mogelijk
gemaakt dat iemand zich zal herinneren. Zijn vertrek veroorzaakt nog geen
rimpel in het water en geen zuchtje wind, want een zo onbeduidende
boven-ons-gestelde heeft vermoedelijk niet eerder de vuistjes gebald en de
adverteerders welkom geheten. 'Piggelmee in de grote stad', zo moeten we Dick's
loopbaan in de wondere wereld van de televisie geloof ik omschrijven. Van der
Graaf als 'cynisch' of 'smakeloos' aanmerken zou te veel eer zijn; Dick kwam,
zag en ging kopje onder. Zoals gezegd, de babbelaar plengde een traantje en zit
nu weer in zijn natuurlijke omgeving, op de reservebank.
Bert van der Veer omschreef mijn persoon'tje in het zomernummer van Propria
Cures als 'weerzinwekkend'. Ik ga er voor het gemak vanuit dat gezien de
saaiheid van de bijdrage Bert's naam niet ijdel gebruikt is.
Meneer breekt een lans voor mijn stukjes, althans, hij beweert dat een land
waar ik-zei-de-gek geen meninkjes kwijt kan bij de reguliere bladen, 'bang'
is.
Je moet er maar opkomen.
Bert refereerde ook nog even naar die verdrietige geschiedenis rondom Mabel van
den Dungen, die mij gevraagd had haar te vergezellen naar het bal voor de best
geklede man.
Omdat ik wegens verplichtingen elders pas rond middernacht langs kon komen om
het sympathieke schepsel op te pikken, dacht Bert Mabel voor zich alleen te
hebben en bewolkte zienderogen toen ik met een slokje op binnenkwam. Bert had
Mabel juist een exemplaar met opdracht geschonken van zijn inmiddels bij de
Slegte geparkeerde roman over Fortuyn. Dat vroeg 'ie nu woedend terug, onder de
uitroep: "Jij begrijpt toch wel dat Van Gogh alleen maar hier komt om
mìj dwars te zitten..!"
Dat dacht Mabel nu juist niet, ook al liet Bert al jaren cadeau'tjes bezorgen:
bloemen, alsook persoonlijke poëzie, want wij mogen zijn dichterlijke kant
niet onderschatten. Van Gogh was zich van geen kwaad bewust en riep nog:
"Ha ouwe rukker!", toen de machtige programmadirecteur verward naar
het meisje van zijn dromen keek. Mabel, de kleine sloerie, had Bert niet gezegd
dat Theo zou komen.
Toen zij aan mijn arm de nacht in schreed en Bert in de deuropening van
Paradiso
nog heel ordinair stond te schelden, sprak ze: "'t Is ècht een
lieve man. Maar
hij wordt oud, hè..?"
Ik vond 't zielig voor Bert.
Enfin, nu mag ik in Propria lezen 'smaken verschillen' als 't om Mabel gaat en
dat vind ik niet erg hoffelijk. Ik kan zijn reactie alleen verklaren uit de
constatering dat Bert zich de liefde van zijn leven heeft zien ontglippen,
Mabel, in zijn spookogen achter de brilleglazen dé belichaming van het
soort bijzettafeltje dat een dolende peno-pauzer zich van het snelle leven
voorstelt, wanneer 'ie als man van de wereld indruk wenst te maken.
Bert heeft menig burgerlijk romannetje aan erotiek gewijd, maar uitgerekend nu
juist nooit aan de hobby waarin 'ie 't niet hoeft te hebben van
horen-zeggen.
Viola Holt vertelde me dat Bert er aardigheid in heeft om kiekjes te maken van
het Zwakke Geslacht. Alvorens de ook toen al oude doos Viola aan zijn
verzengende spit te rijgen - groots en meeslepend wil Bert leven -, maakte deze
gulle minnaar een foto van Viola's geval.
Laat nu uitgerekend dát afdrukje in handen komen van mevrouw Van der
Veer, die prompt het ontslag van haar' rivale eiste. Gezien Holt's kijkcijfers
kon Bert geen reden verzinnen, maar door het monster in het kader van 'de
verjonging' alleen nog een show om half elf 's morgens te bieden, 'als er toch
niemand kijkt'en haar uit te sluiten van de betere uren, werd lá Holt
langzaam koud gemaakt.
Eenzaam slijt de oude doos nu haar dagen in Acapulco, terend op oude
herinneringen als Bert's doorgelegen matras. Viola knippert en het flitslicht
van Bert's polaroid-camera droogt haar' tranen.
De vraag is of Bert nog terugkeert in Hilversum na het voor vele tonnen door
hem persoonlijk aangerichte échèc van Veronica. De gedachte dat
de vaderlandse televisie 't zonder deze dolende rukker zou moeten stellen die
met zijn vinger aan de knop vraagt of de van TV-roem dromende meisjes hun
poesje aan het vogeltje prijs willen geven, beklemt me.
Mogen de kiekjes van Bert van der Veer nog hun ronde doen lang nadat zijn naam
in Hilversum is bijgezet in het graf der Mislukkingen. Een geweldenaar is van
ons heengegaan.
Theo van Gogh |