Lopende Zaken
André Spoor deed nog een poging om zijn vriend te hulp te schieten en 't
siert mensen als ze bereid zijn de grootst mogelijke flauwekul te verkopen om
hun naaste uit de wind te houden. Onder het kopje "Van Dis
hééft helemaal geen plagiaat gepleegd" boog de voormalige
hoofd-redacteur in NRC-Handelsblad voor prins Plagiaat, en beweerde dat Van Dis
zelf al had toegeven 'steeds gebruik te hebben gemaakt van 'convoluten van
reisaantekeningen'.
Enfin, als ik de convoluten van mijn normbesef nog 'ns goed nakijk, kom ik tot
de conclusie dat het zonder bronvermelding overschrijven van andermans'
schrifturen zonder meer als diefstal mag worden aangemerkt. Zulks maakt de
overtreder nog geen misdadiger maar wel een literaire oplichter met iets te
lange vingers. Wat irriteert in de praatjes van Van Dis' verdedigers is de hoge
toon waarop zij van leer trekken, alsof ze het minvermogende gepeupel
toespreken dat immers toch niet snapt waar Hoge Kunst over gaat.
Als Adriaan niet zo onverstandig was geweest om in paniek H.M. Van den Brink -
de bekende brokkenpiloot van de VPRO - en Spoor te bellen om vergoelijkende
stukjes, had er geen haan meer naar Van Dis' zoveelste plagiaat gekraaid. Maar
nee, hoge toon, ferme praatjes ("Hoezo 'plagiaat'?"), de arrogantie
van parvenueen die in Wassenaar niet verder zijn gekomen dan het Polanenpark
waar de losers van de Goudkust hun dagen moeten slijten. Soms moet ik denken
aan Wim T. Schippers, schepper van een buitengemeen origineel oeuvre, die van
zijn Verzameld Werk nooit meer dan zeshonderd verkocht zag. Van Dis ontfermde
zich over zijn geliefde - niet leuk maar niets menselijks is mevrouw Schippers
vreemd -, Van Dis jat en raust door werk van anderen en verkoopt onder eigen
naam honderd duizenden exemplaren en in de kwaliteitscourant snellen de lakeien
toe om meneer van dienst te zijn.
't Is allemaal gruwelijk bedacht.
Nee, dan Fortuyn. Hedenmorgen werd ik gebeld door een meisje van Het Parool dat
mij vroeg of ik op hem zou stemmen?
Maar natuurlijk!
En bent U al gevraagd om aan zijn kabinet deel te nemen?
Natuurlijk niet!
Fortuyn sloopte gisteravond met zijn natuurlijke arrogantie Barend & Van
Dorp.
Vooral Frits, de moraaltheoloog van het duo, moest 't ontgelden. 't Zieligste
is dat die meneer zo boos gaat kijken als Hoge Principes verdedigd dienen te
worden. En dat terwijl Henk aan het begin van de uitzending nog verklaard had:
"We pakken 'm."
Ja hoor.
Toen Fortuyn op 't laatst Mevrouw Toth 'die stoofpot' noemde, moest zelfs
Barend lachen, maar toen was het pleit allang beslecht. Fortuyn wordt nog
steeds onderschat door de herauten van de politiekcorrecte gemeente en dit tot
zegen van zijn campagne. Maar de peilingen liegen niet. Als de professor
verstandig is gaat 'ie voorlopig niet in debat met Melkert of Dijkstal, maar
blijft doen waarin zijn talent 't beste tot uitdrukking komt; de monoloog die
golven van morele verontwaardiging oproept.
Knap was ook hoe meneer De Telegraaf de mantel uitveegde en een zekere Van der
Wall Bake tot inquisiteur benoemde inzake het gewip van onze voetballers. Ik
steun hem vooral omdat 'ie de gevaren van de Islam als enige van onze
vaderlandse politici durft te benoemen, maar natuurlijk ook omdat de
Nederlandse pers - gezagsgetrouw als in de jaren '50 - niet dan met grote
Verontwaardiging over hem durft te berichten. Raymond van de Boogaardt noemt
hem in NRC-Handelsblad 'xenofoob', Sjoerd de Jong beweert in die zelfde krant
dat 'met ernstige clowns
niet te lachen valt' en zo gaat 't maar door. Als ik gevraagd word om een
stukje voor Vrij Nederland te schrijven en ik vlijtig aan de slag ga, eindigend
met een oproep: "Helpen zal 't niet, maar toch; stem Fortuyn!" worden
mijn woorden niet geplaatst op last van een adjunct die zijn sporen verdiende
als likkende deurmat en die zijn hele leven de politiekcorrecte leugens van
Links heeft vermenigvuldigd.
't Past mij niet om messen te slijpen als ik over mensen oordeel, maar soms is
de morele scherpslijperij van lieden die je alleen maar kunt omschrijven als
'fout na de oorlog', onverdraaglijk. Zelfs als Fortuyn de verkiezingen nog
grandioos verliest - en zulks is niet onmogelijk, want hij vaart op zijn
scherpe talent en intuïtie die hem altijd één cruciale keer
in de steek kunnen laten - verdient Pim nu al mijn instemming voor de manier
waarop 'ie de sjacheraars van het Binnenhof die 'professioneel' worden genoemd
in tegenstelling tot zogeheten 'amateurs' van zijn slag, op de kast jaagt.
Forza Fortuyn!
Theo van Gogh |