|
Omdat ik dringend behoefte had aan een hoofddoekloze en zonnige omgeving,
besloot ik een paar dagen naar Turkije te gaan. Maar omdat ik niet voor mezelf
insta tussen nog 80 miljoen minstens net zo temperamentvolle en aardige mensen
als ik, was ik blij dat er twee vriendinnen meewilden, Annemieke en Ingeborg.
Vriendinnen zonder kinderen, wonend aan de grachtengordel en zonder
vakantieplannen danwel aanstaande echtgenoot. We spraken af dat we niet de hele
tijd aardig zouden zijn, vooral niet teveel zouden doen, en in ieder geval wat
juweliers en leerwinkels zouden bezoeken. Het beloofde een leuk weekje te
worden.
De bestemming was Kusadasi, een vissersdorpje van weleer, dat de
laatste decennia zomers wordt overgenomen door Britten, Belgen en Nederlanders.
Vreselijk dus. Maar wij zaten in Palm Bay Beach, het meest fijne resort ietsjes
buiten de stad. Bij aankomst kregen we een ziekenhuisbandje om, en anders dan
dit doet vermoeden, verkregen we hiermee het recht om onbeperkt te eten en
drinken in het resort. En zo begon een tiendaags nietsdoen...
De dagen aan het strand werden afgewisseld door avonden in de stad. De eerste
avond was een ramp: Nederland Portugal, need I say more. Met opgeheven hoofd
droeg ik de dag erop alsnog mijn oranje bikini. De zon sloeg genadeloos toe...
De volgende avond was al beter. In het door juweliers bevolkte
stadje waagden we ons ergens naar binnen. Annemieke en Ingeborg lieten zich een
vocht aanpraten dat appelthee heet en alleen aan toeristen wordt aangeboden.
Dat we daarna alsnog met drie zware gouden ringen het pand verlieten mag gerust
een wonder heten.
Na zoveel geshop kochten we de volgende dag het geweten af in Efese. Een dagje
cultureel. Mooi, machtig en warm. Een oranje buikdanssjaal was de aankoop van
de dag. Als al die hoofddoekjes in Nederland die nou om hun hoofd zouden
knopen, zou ik er waarschijnlijk heel wat minder moeite mee hebben... Wij
toeristjes besloten in de zinderde hitte doodleuk zes kilometer te lopen. Dat
we die dag nog het zwembad haalden mag gerust een wonder heten.
Die avond togen we opnieuw naar Kusadasi, en mijn moeder ging mee.
Om half 12 besloten we nog een hapje te eten en een uur later scheiden mams' en
onze wegen zich. We konden best alleen naar de taxi's lopen. En toen sprak
Ingeborg de legendarische woorden:
'Laten we nog even bij deze juwelier naar binnen gaan.'
Om een heel lang verhaal kort te maken: om drie uur 's nachts verlieten we
helemaal hyper de juwelier. Marilyn wist het allang: 'diamonds are a girls best
friend'. Niet schoenen. Niet een man. Maar heel simpel: glimmertjes. Vooral als
de verkoper een niet onaantrekkelijke man is, die alleen maar Turks en Frans
spreekt en drie vet shoppende dames maar moeilijk kan inschatten. Wij shoppende
dames weten gelukkig hoe de creditcard gehanteerd moet worden, en ik, ik kon
mijn lol niet op: ONDERHANDELEN!!!
'Ebru, helemaal goed om jou te zien onderhandelen met een Turk, staaltje
blufpoker waar je u tegen zegt!'
De verkoper boeide ons ook wel. Hij had een rare vlek boven zijn linkeroog, we
maakten er een mooi verhaal bij:
'Hij heeft vast een auto-ongeluk gehad.'
'Ja dat denk ik ook.'
'Maar wat een mooie man.'
'Weet je, zo heb ik 'm helemaal niet bekeken.'
'Ja een auto ongeluk anders kan ik die rare vlek niet verklaren.'
'O wat hebben ze een mooie ringen, ONGELOVELIJK!!! Ik ben nog lang niet
uitgewinkeld hoor!'
Dat we nog niet uitgewinkeld waren, werd de mooie verkoper met vlek boven
zijn oog ook duidelijk. Want hoewel Ingeborg en Annemiek voor de diamanten
vielen, haalde ik er mijn neus voor op. De verkoper op zijn beurt haalde zijn
neus op voor de oranje ring die ik al jaren om mijn vinger draag. Dat ik daar
geld aan had uitgegeven kon hij niet begrijpen. Dat ik 'm speciaal had laten
maken, al helemaal niet! En toen kwam dé ring.
Liefde op het eerste gezicht. Slecht 3700 euro. 'Voor toeristen. Maar voor U,
mevrouw, 1700.'
We hielden onze adem in. Annemiek en Ingeborg herkenden de blik in mijn ogen:
hebben. Blufpoker ging me opeens een stuk minder goed af. 'Waar kan ik
afrekenen' stond in mijn ogen.
'Beetje boel hè, 1700, lijkt me niet realistisch.'
'Voel maar even hoe zwaar 'ie is.'
Zwaar. Massief. Ik had nog nooit zoiets gevoeld. Hebben.
'Handgemaakt, 22 karaats, uniek. Die ontwerper maakt van alles maar een, en als
U deze ring koopt bent u de enige die 'm heeft.'
'Eh, we zitten hier in fake country hoor, over een uur maakt een andere
juwelier 'm na.'
'Nee mevrouw, er zijn wenig edelsmeden die met 22 karaat om kunnen gaan.'
'We moeten nu weg.'
'1400 euro, speciaal voor u.'
'Eh, we eh moeten nu weg.'
De dames grijpen in:
'Ebru, die ring is geweldig.'
'Ik heb net een ring gekocht en ik heb er een in bestelling...'
'Nou ja we komen morgen toch terug voor de bestelling, dus dan kun je'm morgen
nemen.'
'Ja ik moet 'm nemen hé, maar goed laat íe nog maar even een
nachtje zweten. '
'Hoe krijg je een vrouw blij: laat 'r los bij de Turkse juwelier.'
We zwaaien de juwelier gedag, taaien helemaal hyper af naar ons resort en
slapen als roosjes. Ondanks dat in de nachtclub verderop de bassen tot het
ochtendgloren doordreunen.
Terug naar Turkije is natuurlijk meer dan shoppen. Er is familie die
ik al 15 jaar niet gezien heb. Mijn nicht en neef uit Amerika en Duitsland zijn
toevallig ook in Kusadasi, met hun zoon en dochter. Kinderen die mijn jeugd
herleven: zomers terug naar het land van je ouders en niemand kennen. Ik heb
met ze te doen, ik ken het geknijp in wangen en de inhoudsloze goedbedoelde
praat. De kinderen zijn dol op mijn camera, en mijn relaxte houding is een
verademing voor ze. Mijn 'echt' Turkse familie is ook veranderd: kleine
kinderen zijn studerende twintigers geworden, en ook hier zijn kinderen geboren
die ik niet eerder gezien heb. Zo heeft een nichtje een dochter van acht, een
schatje. En een ander nichtje een zoontje van vijf, een kloothommel. Als hij in
het huis van mijn moeder de boel bijelkaar schreeuwt en iedereen hem zijn gang
laat gaan, grijp ik hardhandig en luidruchtig in:
'En nu is het genoeg, hoor je mij? Ik vind jou niet leuk, ik vind jou een
verwend rotkreng, je luistert niet naar je ouders en je kunt kiezen: mond
houden en eten, of wegwezen. NU.'
Jongetjes zijn in sommige gezinnen nog steeds keizers, maar niet in mijn/ mijn
ouders huis. Als daar al iemand de baas is, ben ik het. Het jongetje heeft de
boodschap begrepen en de rest van de middag hebben we geen last van hem. Zijn
moeder is erg blij met mij, ikzelf wat minder. Ik doe niet onder voor een
oudste zoon in een moslimgezin, naar wie geluisterd wordt. Maar waarom
luisteren die kinderen niet gewoon naar hun ouders?
15
Jaar betekent ook dat tantes ouder zijn geworden en ooms gestorven. Ik ben oud
geworden, en ik zie het aan het jonge leven om me heen. Van alle ouderen ben ik
niet alleen het jongst maar zie ik er ook zo uit. Maar ook ik ben 15 jaar
ouder. Confronterender kan het niet. Ik ben blij als ik s avonds weer in de
badplaats ben en me alleen nog maar over goud en leer druk hoef te maken.
Verstand op nul. Totdat de telefoon gaat: Nederland aan de lijn.
'Liefje, er is net een kindje naar je vernoemd, dat wil je ik toch even zeggen.
Ze heet Ula Ebru en haar ouders bewonderen je. Dag schat!'
De brok in mijn keel wordt alsmaar groter maar aan deze kan ik wat
doen. Ik ren weer naar de juwelier om een naamarmbandje te laten maken voor Ula
Ebru. Op dat moment denk ik nog dat het ULLA is... Mijn vriendinnen zijn al
terug naar Nederland, en deze keer gaat mijn moeder mee. Het armbandje voor Ula
Ebru is snel geregeld. Maar ook mijn moeder valt voor de unieke sieraden van de
juwelier. En hoewel ik extreem goed kan onderhandelen, is mijn moeder pas echt
goed. Vind ik het al een prestatie dat ik 'mijn' ring naar 1400 euro heb weten
te krijgen, zegt mijn moeder doodleuk:
'Jongeman, je overdrijft. Leuk ringetje hoor, maar zeker geen 1400 euro waard.'
En zo ligt mijn ring weer op tafel, tezamen met nog wat kettingen. De juwelier
draait zijn marketingriedel af, mijn moeder is not impressed en ik ben
ondertussen verveeld. Totdat mijn moeder hem middenin zijn marketingpraatje
onderbreekt:
'Heb jij een auto ongeluk gehad?'
'Eh, ja...?'
Oftewel: hoe krijg je een juwelier van zijn apropos
hij draait zijn hoofd
om en laat een enorme jaap boven zijn rechteroog zien. Die was Annemieke,
Ingeborg, mij én mijn moeder niet opgevallen. Alleen de rare moedervlek
boven zijn linkeroog. Mijn moeder vraagt door:
'Wat is die rare vlek boven je linkeroog dan?'
'Mijn moeder is arts, dit interesse is beroepsmatig...'
'O dat is een geboortevlek.'
'Maar jongen, die moet je weglaten halen.'
'Kan dat denkt u?'
'Laat ' ns even kijken, jongeman, dit is een fluitje van een cent. Het is een
vleesophoping, nergens goed voor. Gewoon laten weghalen, kan ik ook voor je
doen.'
En voor je het weet zakt de prijs van de ring naar onder de 1000 euro. In 20
minuten.
'Verkocht!'
De laatste dag is aangebroken. Op de valreep, twee uur voor vertrek, komt nog
wat familie langs, wat heb ik toch een grote familie... het klikt wel
onmiddellijk. Ze zwaaien me uit als ik door een van de hoteldirecteuren naar
het vliegveld wordt gereden. Zijn dochtertje van dertien gaat mee. Het meisje
is heel slim en spreekt over de beperkingen van Turkije. Ik vertel haar dat het
verschil tussen nu en 15 jaar geleden -nog van voor haar geboorte- enorm is. Ja
er is een verschil tussen jongens en meisjes, maar de hippe Turken van
tegenwoordig kom ik in een Nederlandse versie in Amsterdam niet tegen. 'Hoe
zijn de Turken in Nederland dan?' vraagt ze.
De Turken zijn wel oké, vertel ik haar, maar er is opeens een
enorme godsdienstige opleving onder moslims. Turken, Marokkanen, Arabieren,
iedereen benoemd zichzelf tot moslim en gaat zich opeens als moslim gedragen.
Ik heb in 10 dagen Turkije exact 3 hoofddoekjes gezien, in Nederland struikel
ik erover. Ik overweeg om in Kusadasi te blijven!
'Hoofddoeken?' zegt het meisje. 'Wat raar. Weet je Ebru, in Istanbul schijnen
zelfs mensen in Carsafs (Chadors) te lopen. Dat zijn achterlijke Turken die
door Arabieren geïndoctrineerd worden. Maar in Nederland? Ik vind dat
mensen die bedenken dat ze hun godsdienst willen 'beleven' dat maar in hun
eigen land moeten doen. Niet in Nederland.'
Wat een inzicht voor een dertienjarig Turks meisje in Turkije.
Zou dat inzicht ooit tot Nederlandse politici doordringen?
Ik hoop het maar. Ik ben namelijk weer thuis, terug in Nederland.
Ebru Umar
Foto's: Annemieke, Ingeborg & Ebru
|