'Ken ik
jou?'
Het was weer een waar feest. Eindelijk waren er
weer eens belasting betalende burgers bij een debat tussen 'vertegenwoordigers
van moslimorganisaties' en leden van een politieke partij. Het CDA presenteerde
een publicatie van haar Wetenschappelijk Instituut, getiteld 'Naar een Nieuw
Patriottisme', een theoretische verhandeling over de Islam en diversiteit en
hoe dat een plek zou kunnen krijgen in onze multiculturele samenleving.
Voorafgaand aan het debat geniet ik van de beste appeltaart van Nederland: mijn
Rotterdamse roots komen thuis in Den Haag. Een vriendelijk ogende Marokkaanse
jongen spreekt mij aan: "He hallo, hoe is het?" Help! 'Ken ik jou?',
schiet er door me heen. Ik heb een vreselijk slecht geheugen voor gezichten en
dit gezicht zegt mij weinig tot niets. 'Goed dank je, eh, sorry maar ik ben
even je naam kwijt??' "Nebil Marmouch".
Ha, het eerst zieltje is al vertrapt. Ik herken het AEL interim bestuurslid
Marmouch niet.
-Dat had je laatst weer goed gedaan, met die demonstratie.
- Ik had niets gedaan, ik werd zomaar opgepakt, zegt Marmouch
- Dat bedoel ik, dat heb je goed gedaan.
Marmouch snapt het niet, voor sommige mensen moet je alles spellen, ook mijn
cynisme zal hem ongetwijfeld totaal ontgaan zijn: Je hebt 'niets' gedaan, wordt
opgepakt en haalt ieder journaal. Prima pers toch, gratis en voor niets?
Marmouch glundert. Hij meldt dat er een klacht
is ingediend door de AEL bij de Joodse burgemeester van Amsterdam, omdat ze
'zomaar' zijn opgepakt. Er werd een vlag verbrand tijdens een demonstratie maar
daar hadden hij en de andere AEL mensen niets mee te maken. Ja, daar is de
Joodse burgemeester weer wel goed voor, denk ik bij mezelf. Ik sta aan een hoge
sta- tafel en word ongemerkt ingebouwd door de AEL interim bestuursleden. Ik
heb fans. Niet echt mijn types, ik baal ervan dat ze een blik op mijn notities
zullen kunnen werpen. Maar zomaar weglopen is mijn eer te na, ik schud beleefd
handjes: ken uw vijanden. 'Ja zonder jou zou er iets mis zijn Ebru, we kennen
jou wel.' Vriendelijke glimlachende gezichten, dit is geen smalltalk maar een
nonchalante poging tot intimidatie. Die zwoele zomers in Turkije hebben mij
meer dan wegwijs gemaakt in moslim machopraat, opnemende blikken en
intimiderend; maar mits gedoseerd interessant machtsvertoon. Een half leven
geleden haalde ik al mijn schouders ervoor op, er kan er maar één
de baas zijn. Helaas moeten de AEL jongetjes ook deze technieken nog verfijnen.
Helderder kan het 'tussen twee culturen vallen' niet aangetoond worden: het
mediterrane machogedrag mist zijn finesses op alle punten en de westerse
hoffelijkheid helaas tegenwoordig alleen nog maar te vinden bij heren
van 40 plus - is nergens te bespeuren.
Om dit feest écht luister te geven, waren de beroepsallochtonen Karacaer
(Milli Görüs), Sini (Islam en burgerschap) en Jawad (AEL)
uitgenodigd. Karacaer, de meest intelligente en scherpste van het drietal, was
in mineur. Wie zou dat niet zijn, als je over een kam wordt geschoren met
gefrustreerde puberende Moslim jongeren, als de diversiteit van 'de Islam' en
'de Moslim' niet onderkend wordt en als je impliciet verweten wordt dat al het
kwaad in de samenleving in je godsdienst schuilt in plaats van bij de
verantwoordelijke individuele gelovige/ burger? Simpel tuig, dat onder het mom
van 'Godsdienst' de meest achterlijke ideeën en theorieën aanhangt en
daar nog een luisterend oor voor krijgt, want we zijn hier democratisch,
liberaal, verlicht en tolerant?
Sini verzandt in theoretisch gepraat je zou bijna de AEL gelijk gaan
geven over het 'apologetisch discours van het gesubsidieerde allochtonaat'. En
Jawad? Jawad geniet van zijn 15 minutes of fame en rekt deze tot het uiterste.
Jawad is een verongelijkt jongetje die ondanks zijn Nederlandse moeder
blijkbaar nooit zijn volwaardige draai in onze samenleving heeft weten te
vinden. Hij heeft zich een aardappel in zijn keel aangemeten, die zelfs Jort
Kelder van zijn à propos zou doen raken. Een lesje logopedie zou geen
kwaad kunnen: ofwel die aardappel verfijnen want dit lijkt nergens op; ofwel
compleet verwijderen, dan kan zijn vermeende achterban hem ook eens verstaan.
Zijn interruptie technieken zijn van dermate bedroevend niveau dat niet alleen
de discussieleidster (de CDA voorzitter Bijsterveld) maar ook de overige
debatteerders te verbaasd zijn om in te grijpen. Je kunt debatteren of niet, je
kunt de zaal boeien of niet, je kunt betogen of niet, en als al deze
competenties ontbreken is er maar een ding waarin je je heil kunt zoeken:
schelden, beledigen, en de microfoon misbruiken. Helaas, op al deze puntjes
wordt gescoord door Jawad.
Het debat geeft feilloos weer waar het aan schort: de oprecht goedbedoelde
welwillendheid van het CDA om medeburgers van dit land te proberen te
begrijpen, maar niet weten uit wie die medeburgers dan bestaan. Allochtoon
staat tegenwoordig gelijk aan Moslim, fulmineert Karacaer, en de ene Moslim is
de andere niet. Er zitten drie vertegenwoordigers van verschillende
belangenorganisaties aan tafel, die onderling maar een ding gemeen hebben: hun
aanhangers, dan wel de ouders van hun aanhangers, zijn niet in Nederland
geboren en dragen geen Nederlandse voor- dan wel achternaam. Eigenlijk zijn het
net M&Ms: allemaal chocolade, maar een ander kleurtje, verplicht tot elkaar
in dezelfde verpakking.
Maar het CDA heeft deze bijeenkomst juist niet belegd om te polariseren maar om
begrip voor elkaar te krijgen. Mirjam Sterk, woordvoerster Integratiezaken,
doet heldere en dappere pogingen om het bindende element te vinden: "Wij
maken beleid voor de gehele samenleving, inclusief de in Nederland wonende
Moslims. We willen weten wat van belang is, waar we wel en geen rekening mee
moeten houden. Wij willen juist een overleg zodat we tot heldere standpunten
kunnen komen.'
Jawads aardappel brandt in zijn keel, en hij sneert: 'Er is tenminste
vooruitgang geboekt: van preventief verboden groepering zijn we gepromoveerd
tot gesprekspartner.' Dit was slechts de opwarmer, hij is op dreef. Als Ronny
Naftaniel van het CIDI opstaat uit de zaal en vraagt waarom de AEL/ Jawad het
debat met hem niet aan wil gaan, antwoordt hij droogjes: 'U bent een agent die
betaald wordt door de zionistische entiteit, ik richt mijn antwoord derhalve
tot de zaal.' De zaal reageert geschokt, aan mijn sta-tafel juichen de
AEL'ers.
Als ik de volgende ochtend de krant open sla, lees ik dat Mohammed Cheppih de
beoogde voorzitter van de AEL is. Cheppih, die financieel ondersteund wordt
door Moslims uit Saoedi Arabië. Blijkbaar haalde Jawad twee agentschappen
door elkaar.
Na afloop zit het AEL bestuur met volgelingen gezamenlijk aan tafel. Mirjam
Sterk komt naar me toe: 'Ebru, ze weten alles over je.' Fijn, ook dat nog. Een
oud complex wordt opgerakeld. Ooit riep een homo ober in een vol restaurant
uit: "Dame, wat zie JIJ er prachtig uit." Het zijn altijd de
verkeerde mensen die dat soort opmerkingen maken, of alles van me willen weten.
Gelukkig kan ik daar prima mee leven.
Ebru Umar
ebruutje@hotmail.com
Vorige column Ebru
Umar
|