Ik heb op een bijeenkomst van Abou Jaja in Den Haag inderdaad met een nogal opgewonden mevrouw gesproken die voor de website van Theo van Gogh schrijft. Ik heb getracht haar wat te kalmeren. Zij heeft bij dat gesprek geen aantekeningen gemaakt. Zij citeert uit het hoofd en daarmee dus onzorgvuldig en onjuist. Verder wil ik u adviseren slechts amusementswaarde te hechten aan wat er op de website van Van Gogh staat.

Met vriendelijke groet,
Willem Lust


'Made in Turkey'


'Bent u Turks?'

De securityman op Schiphol houdt mijn paspoort in zijn handen. Ik sta op het punt aan boord te gaan van een KLM toestel richting de VS. Maar eerst moet ik mij vrijpleiten van enige terroristische connecties. Je weet het immers nooit na 11 september.

Bent u Turks? Ik zucht. Ik wil helemaal niet naar Amerika, ik heb een hekel aan reizen en ik moet ongeveer maandelijks vliegen voor mijn werk. Bent u Turks. Ik zet m'n glimlach op en antwoord verveeld:

-Je hebt een Nederlands paspoort in je handen, wat denk je zelf?

De securityman is not amused. Hij draait het paspoort nog'ns om, verrek het is een rood EU Paspoort, net nieuw ook. Ik kijk naar zijn naambordje, Bulent. Ik kan een cynische glimlach niet onderdrukken. Een Turk. Op zoek naar het 'wij' gevoel. 'Doe je best jongen', denk ik bij mezelf.

- U heeft een Turkse naam? En u bent Nederlands?
- Inderdaad.

'Ga vooral zo door Ebru', schiet er door me heen, 'dan hoef je in ieder geval niet met dit toestel naar de States'. Hoewel... ik denk niet dat mijn baas het leuk zal vinden als ik niet aan boord mag. En een boze Turk is tot veel in staat, dat weet ik maar al te goed. Ik gooi de goddelijke maar o zo cynische glimlach in de strijd:

- Mijn naam is Ebru Umar. Zoals je kunt zien ben ik Nederlands. Maar mijn ouders komen uit Turkije, vandaar die naam.
- Ga je voor vakantie naar de VS?
- Denk je nou werkelijk dat er mensen zijn die voor hun lol 8 uur lang in een vliegtuig gaan zitten naar de VS? Nee, ik ga voor mijn werk. Ik heb een laptop, een telefoon en een digitale camera bij me. Allemaal van m'n werk, allemaal voor mij aangeschaft.
- Kun je dat bewijzen?

Met mijn 1.60m en 53 kilo zie ik er in mijn carrièrepak blijkbaar toch erg bedreigend uit. Of ik voldoe aan de omschrijving van een moslim terroriste, dat kan natuurlijk ook. Ik overhandig Bulent een visitekaartje, hij zoekt het maar uit denk ik bij mezelf. Ik word verzocht mijn laarzen uit te doen en Bulent verdwijnt met mijn paspoort naar zijn superieur. Dit heet 'Ebruutje pesten'.

Ik had natuurlijk ook gewoon 'Ja' moeten zeggen. Ik had natuurlijk ook mijn cynisme onder controle moeten houden. En ik had natuurlijk ook mijn bijdehante grote mond moeten houden. Maar ik vind het zo een ontzettend domme vraag om te stellen en nog stommer om te beantwoorden. Mijn antwoord op deze vraag is altijd een 'Nee'. Een 'Nee' die de vragensteller altijd van zijn a propos brengt. Het is een 'Nee' niet omdat ik mij schaam –waarvoor zou ik?- maar omdat de kortzichtigheid van de vraag mij irriteert.

Ik vind dat ik het recht niet heb om mij Turk te noemen. Want met welk recht zou ik mij Turk mogen noemen? Ik ben niet in Turkije geboren, ik heb daar nooit geleefd, ik ben er nooit naar school geweest, ik heb er niet gewerkt, ik heb er geen cent belastingen betaald, ik heb er nooit gestemd, ik heb er geen enkele bijdrage aan de samenleving geleverd. Ik heb er alleen maar gewinkeld, zoals ik dat wereldwijd doe.

Turkije is 3000 kilometer zo niet meer van Amsterdam verwijderd, ik spreek Turks met een Hollandse hete aardappel, dwars in mijn keel geplaatst. Spreken? Stotteren en naar woorden zoeken, terugvallen op het Engels, me moedeloos voelen dat ik, toch niet geheel tekst- en meningsloos, niet mee kan komen in Turkse gesprekken omdat ik de taal onvoldoende beheers. Als ik in Turkije ben, heb ik binnen 15 minuten ruzie. Omdat ik eruit zie als een buitenlander en dus zo behandeld word. Aan de lopende band heb ik ruzie omdat iedereen me probeert op te lichten (ik kan het verstaan!!), omdat iedereen –elke kerel- me ziet als een verblijfsvergunning naar Nederland, omdat ik hoor dat ze me minachten: 'Dat is zo een gastarbeider die in Nederland drie hoog achter woont en hier de rijke koloniaal komt uithangen'. Dus ik Turks? Ik dacht het niet. De Turken aldaar zien me niet eens als Turk.

Mijn 'Turks zijn' is een absolute afgeleide van mijn ouders. En daar waar het goedgebekte maar o zo kortzichtige allochtonaat mij mijn mening misgunt omdat ik de 'dochter van artsen' ben –een ander afgeleide van mijn ouders-, zijn zij wel de eersten om mij te veroordelen als nestbevuiler als ik mij Nederlander noem. En dat verwijt komt van mensen, die mij verafschuwen, die niets met me te maken willen hebben en die me een 'lelijk Hirsi Ali teefje' noemen. Wondere wereld waarin wij leven.

En die trip naar de States? Uiteindelijk mocht ik van Bulent het vliegtuig in. In het winkel walhalla New York vind ik naast het werk, voldoende tijd om met mijn creditcard te zwaaien – niets vrouwelijks is mij vreemd. De meest mooie leren jassen, rokken en broeken verdwijnen mijn koffer in, leuk gescoord in The States. Thuis bekijk ik mijn geweldige aankopen eens goed. Het zit allemaal als gegoten, dat overkomt me in Amsterdam met mijn maat nou nooit. Alles is altijd te groot en te lang. Dan valt mijn oog op het etiket in mijn nieuwe leren jas: 'Made in Turkey'. Gealarmeerd bekijk ik ook de labels van mijn broeken. Jawel het staat er echt: 'Made in Turkey'. Ik barst in lachen uit: natuurlijk zit het allemaal als gegoten, het is immers gemaakt op een Turks figuur. Dit biedt perspectieven: Istanbul is een stuk dichterbij dan New York!

Ebru Umar

ebruutje@hotmail.com

Vorige column Ebru Umar


Inhoud | D.C.Lama | U Schreef | Archief | Service