Het gat van Friesland
door Eeltsje Hettinga
Ge zoudt ze moeten schoppen, zei Boontje ooit, maar wie in Friesland schopt,
loopt grote kans doodgeschopt te worden. Benepenheid, om nog eens die oude door
Slauerhoff opgevoerde ondeugd te nemen, is dè deugd van het Friese
Midden, een grijs, hoofdzakelijk christelijk-humanistisch geïnspireerd en
monolithisch blok, dat met de Leeuwarder Courant voorop het patent heeft op de
'Beschaafde Achteruitgang', oftewel: het laten dichtslibben van een werkelijk
open mediaklimaat, zoals onlangs bewezen in de LC-affaire.
Macht en angst hebben door de
geschiedenis heen altijd in een omgekeerd evenredige verhouding tot elkaar
hebben gestaan, zo beschrijft Elias Canetti het tweekoppig monster in zijn
meesterwerk Massa en Macht. En de angst zit er in het Friese goed in.
Huub Mous, consulent beeldende kunst bij de kunstinstelling Keunstwurk, kreeg
van zijn baas, directrice Renée Waal, een schrijfverbod aan zijn broek,
nadat hij zijn op persoonlijke titel geschreven artikel 'Verlos ons van de
Leeuwarder Courant' in het tijdschrift De Moanne publiceerde, een
artikel waarin hij, sarcastische en ironisch, de vloer aanveegde met de grijze
middenkoers van de meest kleffe krant van Nederland die wordt bepaald door een
klimaat van kleingeestigheid.
In de schaduw van de macht
Het
schrijfverbod was het gevolg van de paniek die er in de Keunstwurktent uitbrak,
nadat Mous de publiciteit zocht met een aan hem persoonlijk gericht mailtje van
de LC-hoofdredactie, waarin op tamelijk intimiderende manier werd gesteld:
Het lijkt het ons beter geen enkele vorm van samenwerking tussen de LC en
Keunstwurk aan te gaan. Renée Waale, de onlangs benoemde directrice
van Keunstwurk, vers van het Aboriginal Museum in Utrecht, die zich
geconfronteerd zag met het mogelijke verlies van een rijke en vette sponsor, in
dit geval de LC, onderdeel van NDC (Noordelijke Dagblad Combinatie), koos
eieren voor haar geld.
In de schaduw van de macht - die van de angst - schreef Waale hoofdstuk Twee
van de LC-soap, toen ze Mous te verstaan gaf "niet in de openbaarheid te
treden waar het de rol en de betrokkenheid van Keunstwurk in de LC-affaire
betreft," aldus Mous. En de directrice haar glibberige vingertjes, ze
kwamen net te laat om hem er op te wijzen dat het toch maar beter was geen
klacht bij de Raad voor de Journalistiek in te dienen. What a bummer,
die brief was al onderweg, de Afsluitdijk, over.
Als Waale nou had gezegd: ik ga om praktisch-pragmatische redenen op mijn
knieën terug voor mijn aalmoes bij de LC, want zo zijn nu eenmaal de
machtsverhoudingen, oké, dan was ze in haar motivatie duidelijk geweest.
In dat geval had ze ook kunnen ontsnappen aan de wet van de Friese benepenheid,
concreet: ze had journalistieke vragen als: "Zijn uw medewerkers vrij
om nu over de 'kwestie' te spreken c.q. te schrijven" niet amechtig
behoeven te beantwoorden met: Geen commentaar.
Van hetzelfde laken een zwijgend directricepak, toen de 'Roker' haar de vraag
over de macht van de LC voorlegde: "Indien zo'n verbod aan de orde is, is
zoiets dan niet juist een bevestiging van de afhankelijkheid, die
een instelling als de uwe gedwongen is in acht te nemen, wil ze haar
sponsorgelden, onder meer die van de LC, niet verliezen, en als deze stelling
klopt, bevestigt u daarmee niet direct de macht van de Leeuwarder Courant c.q.
de LC-hoofdredactie?"
Berufsverbot
Meest fundamentele grief in Mous zijn klacht bij de Raad voor de Journalistiek,
die eind april oordeelt over de al of niet journalistiek correcte handelwijze
van de LC, luidt: Belemmering van zijn recht op vrije meningsuiting en het
berokkenen van schade bij de uitoefening van zijn beroep. Wars van elk
eufemisme loopt de Friese dichter en docent filosofie aan de kunstacademie
Minerva in Groningen, Bartle Laverman, alvast op dat Salomon's oordeel vooruit
als hij het laatste onderdeel van Mous zijn klacht simpel bij zijn naam noemt:
"Berufsverbot."
En wat zegt Onze Lieve LC-Vader, hoofdredacteur Rimmer Mulder, over de affaire,
oftewel: de boycotmaatregel van de LC tegen Keunstwurk in De Journalist
(12-03)? "Een pesterijtje." Van het schrijfverbod van Mous en andere
Keunstwurk-medewerkers repte Karin de Mik, correspondente van NRC en De
Journalist, met geen woord. Evenmin maakte ze melding van de opiniestukken en
de ingezonden brieven die n.a.v. de affaire bij de LC binnenkwamen, reacties
die het lot van de LC-prullenmand waren beschoren.
Lastpakken als oud-journalist van de LC, Ate de Jong, kregen geen ruimte in de
Leeuwarder Courant. Sommigen van hen, onder wie een LC-freelance-
medewerker, hoorden niente, noch van de redacteur van de rubriek Opinie
noch van de hoofdredactie zelf. Willekeur? Blijkbaar. Een van de lezers, die
zijn reactie in de pulpmand van de LC zag verdwijnen, werd - achter de schermen
van het volgende Mulderiaans dictaat op de hoogte gesteld: "Over
het artikel van Huub Mous is al te veel ophef gemaakt. Daarom hebben wij vorige
week al besloten er in de rubriek Ingezonden ook geen aandacht aan te zullen
besteden."
Ate de Jong zocht zijn heil elders en publiceerde zijn artikel "Mous tegen
Mulder 3-0 " in het digitale tijdschrift Erosmos. Op die publicatie werd
hij tot zijn eigen verwondering, later, door de LC-redacteur Opinie, Hans
Willems, nog eens aangesproken ook. Zo verging het ook de in Zuid-Frankrijk
wonende schrijver Josse de Haan, die een boycotlijst tegen de LC ondertekende.
De Haan: "Ik werd daarop aangesproken, jij hebt je ook op die lijst
laten zetten, hè
Verdomme, nog nooit meegemaakt, zoiets, ik had
het gevoel alsof ik me moest verantwoorden."
Democratisch gat
"Het negeren van kritiek is de politiek van de ivoren toren," schreef
John Jansen van Galen in de collum "De macht van de media" ( Het
Parool, 1-11-2003). Over de controle op de macht, dat roemruchte democratisch
middel, dat, wonderlijk en vreemd genoeg, vaak stokt waar het de media zelf
betreft, stelde Jansen van Galen terecht vast, dat "in de media een
democratisch gat bestaat. Het publiek heeft er niets over te zeggen, behalve
door met de voeten te stemmen: de krant op te zeggen, te bedanken voor de
omroepvereniging."
Het
lezerspubliek van de LC heeft niet alleen niets te zeggen, het wordt als het
beleid van de LC zelf in het geding is, nog eens gekoeioneerd ook. De
LC-hoofdredactie bepaalt de toon. Hoort en huiver: Er is kritiek mogelijk op
de LC, dat moet ook gebeuren, maar doe dat dan op een fatsoenlijke manier,
zoals Onze Lieve, altijd redelijke LC-vader dat formuleerde in een
televisie-uitzending van Omrop Fryslân. 'Er is kritiek mogelijk
' En
dan vervolgens weigeren om met zijn criticaster aan één
Omroptafel te zitten?
Kortom, is de toon - onderdeel van een schrijver zijn stijl - volgens deze
hoofdredactionele fatsoensrakkers niet correct of past deze niet bij de
LC-nestgeur, dan volgen de als "pesterijtje' verkochte
intimidatiebriefjes, zoals bijvoorbeeld die aan Keunstwurk, of de lezer, die de
krant van repliek wil dienen, krijgt het grote Niets van de LC-prullemand te
zien of er gaan drieregelige, hoofdredactionele briefjes de deur uit,
kattebelletjes waarin niet welgevallige LC-columnisten, zoals schrijver Cees 't
Hart, van de ene dag op de andere hun congé krijgen.
De macht en invloed van de lezer op zijn vaak duurbetaalde krant blijkt
minimaal. Ja, hij kan, verontwaardigd, een nieuwe gevelreclame voor de krant
bedenken, b.v. De LC en alles wat Friesland niet beweegt, de
hoofdredacteur nog eens omschrijven als een huichelende stamelgod, eentje van
het kaliber Mulder die hypocriet verkondigt dat hij openstaat voor kritiek,
maar dan wel op zijn voorwaarden, of hij kan een klacht indienen bij de door de
beroepsgroep zelf ingestelde Raad voor de Journalistiek, maar meer middelen
heeft hij niet. "Mocht u in het gelijk worden gesteld,' schrijft Jansen
van Galen over de onmacht van de lezer en/of de criticaster van de krant,
"dan vraagt die raad het medium in kwestie beleefd dit oordeel te
publiceren, maar garanderen kan hij u niets."
Ook al zegt de LC-hoofdredactie in haar verweerschrift aan de Raad voor de
Journalistiek dat na haar commentaar in de LC-rubriek 'Achter de kolommen' de
commotie snel was geluwd, stil is het allesbehalve. De Roker is hier.
Het tijdschrift De Moanne volgt nog. Stilte na de storm? De wens zal de
vader van hoofdredacteur Mulder zijn. Als lid van het Nederlands Genootschap
van Hoofdredacteuren bij de Raad in het beklaagdenbankje te zitten op
beschuldiging van "de belemmering van het recht op vrije meningsuiting,
omdat met volstrekt ongepaste sancties is gedreigd tegen mijn werkgever",
nou nee, hij zal zich andere, betere kringen hebben gewenst.
In geen zevenhonderd jaar
Volgens Canetti houdt macht zich onder meer in stand door de stilzwijgende
steun van de massa's aan meelopers. Ronduit bevreemdend was de houding van een
aantal Friese schrijvers in de LC-affaire. Schrijver Trinus Riemersma: "Ik
doe niet mee aan een protest tegen de LC. Reden: om mij op de kwestie te
oriënteren, zou ik het artikel van Huub Mous moeten lezen en van die
theatrale figuur wil ik nooit weer een letter lezen."
Het meest principiële punt in de LC-affaire, n.l. de vrijheid van mening,
stelde deze schrijver, tevens (!) columnist bij de LC, niet ter discussie. Aan
het commentaar van rechtsfilosoof Arend Soeteman van de Vrije Universiteit -
de vrijheid moet in principe ook gelden voor ergerlijke meningen. Een
eventueel onderscheid tussen de inhoud van de mening en de nodeloos grievende
vorm is niet goed houdbaar: de vorm wordt gekozen omdat de auteur de inhoud
onder de aandacht wil brengen en is, van hem uit gezien, zelden nodeloos, -
bleek hij geen boodschap te hebben.
"De heer Mous voelt zicht te kakken gezet en dat kan zijn ego niet
verdragen. Dat is de zaak waar het om gaat," psychologiseerde Riemersma.
Zijn houding - ik wil op mijn beurt in geen zevenhonderd jaar meer een letter
van die man lezen - lijkt symptomatisch voor een groot deel van de Friese
schrijvers, onder meer vertegenwoordig in de 200 leden tellende Friese
Schrijversbond. Die hield zich afzijdig in de LC-affaire. Journalistieke vragen
werden domweg niet beantwoord, ja, na drie, vier keer aanmanen. Concreet:
Met het niet beantwoorden van uw vragen was impliciet al aangegeven wat onze
reactie was, meldde de voorzitter van de Schrijversbond, de grote Friese
Nobelprijswinnaar P. Boersma uiteindelijk. Dat is zo ongeveer ook het gesternte
waaronder in het Friese zo nu en dan de journalistiek moet worden bedreven.
Vier weken na de LC-affaire kwam Boersma, inmiddels uitgeroepen tot
Literair-Conformistische Truthola van het Jaar, nog eens aankakken met een als
'analyse' gebracht artikel in het tijdschrift Farsk, een op persoonlijke
titel geschreven collumn, waarin hij als een koe alle feiten in de LC-kwestie
nog eens herkauwde, oftewel: niets nieuws bracht en waarin Mulder zijn
journalistiek handelen tegenover Keunstwurk en Mous werd afgedaan als een
onbeduidend foutje.
Ge zoudt ze moeten schoppen, zoals Boontje zei, al was het alleen maar
omdat de zwijgende bestuursleden van deze Schrijversbond hun verzen en liederen
op de Anarchistische Pinksterlanddagen in Appelscha komen debiteren, een vorm
van literaire hypocrisie in optima forma.
Dr. censuur
Afgezien van journaliste Karin de Mik hielden landelijk actieve en
professionele journalisten, die zich met het Friese inlaten, zich in de
LC-affaire, wel heel erg stil. Opmerkelijk, te meer omdat ze bij ieder ander
Fries wissewasje nauwelijks weten hoe snel ze hun mond moeten roeren. De
houding van deze zwijgende twee-maten-meters kostte schrijvers dezes de kop.
Een paar dagen na publicatie van het artikel: De vrijheid van mening moet
ook gelden voor ergerlijke meningen, waarin de beruchte praktijken van de
inmiddels als dr. Censuur bekend staande Elsevier-journalist Abe de Vries
("Ik heb regels, fatsoenregels") aan de orde werden gesteld, werd
deze vrolijke 'Roker' - zoeff, zoeff - als redacteur uit het
Slauerhoff-vertaalproject (Ned.-Fr.) geknikkerd.
In plaats van een repliek van De Vries zelf kwam er een zuinig, benepen briefje
van de creatieve boekhouders van uitgeverij Bornmeer, bij wie ook De Vries
publiceert: Er is geen basis voor een werkbare en vruchtbare samenwerking,
noch voor wat het Slauerhoff-project betreft noch voor overige projecten. Wij
zeggen daarom bij dezen de samenwerking op. Wat de LC-affaire met het
Slauerhoff-project te maken heeft, blijft, ook na de nodige vragen bij deze
uitgeverij, onbeantwoord.
Ook deze stiltes lijken symptomatisch voor het debat en de discussie in het
Friese. Als die plaatshebben, krijgen ze een plaatsje achter de schermen, en
niet en al helemaal niet als het de LC of de literaire uitgeverijen te
heet onder de voeten wordt open, in de krantenkolommen zelf, op zo'n
manier dat ook de lezer zijn/haar duit in de Friese mediazak kan doen. Ter
illustratie daarvan nog een voorbeeld, dat van de LChoofdredactie in haar
verweer aan de Raad voor de Journalistiek: "Het door hem (lees: Mous
e.h.) gewraakte mailbericht van mij aan hem is scherp, ironisch en getuigt van
begrip voor zijn gemoedstoestand. Journalistieke grenzen zijn daarmee zeker
niet overschreden."
Het LC-elf-steden-wak
Wat zijn dat voor mallotige en feitelijk ook volstrekt overbodige schrijfsels?
Waarom de criticaster niet meteen van repliek gediend, rechtstreeks in De
Moanne, het tijdschrift, waarin de ''plaaggeest'' het artikel 'Verlos ons
van de Leeuwarder Courant' schreef. In dat geval had Onze Lieve LC-Vader
tenminste journalistiek correct gehandeld, een aanzet kunnen geven ook tot een
werkelijk open discussie. Nu worden Mousen, Raden en lezers opgescheept met
schijnheilig Mulderiaanse zinsneden als: Kritiek is mogelijk, maar doe het dan
fatsoenlijk.
Die toon, - ik weet wat goed voor u is en dat is zo omdat ik dat zeg - dat is
het kleffe, altijd 'temmende' fatsoenstoontje van een 19-de eeuwse ouderling,
die op journalistiek erg 'frisse' manier het democratisch gat, waarover Jansen
van Galen schreef, in stand houdt, of liever: het grote LC-Elf Steden Wak.
Ele Hettinga
|