DE LUX ET LIBERTAS LEZING
De onderstaande lezing over de relatie tussen de media en de advocatuur
werd door uw Lux et Libertas Ombudsman gehouden in de RAI in Amsterdam op 14
maart bij gelegenheid van het eerste Nederlands Juristen Congres, onderdeel van
de Nationale Carrièrebeurs. NRC Handelsblad had als enig medium een
stand op het Nationaal Juristencongres, maar ik heb jurist Volkert er niet
mogen begroeten.
Advocaat en Media
In het begin van deze maand konden we lezen in NRC
Handelsblad dat McKinsey een nieuwe topman krijgt, de 52-jarige Brit Ian Davis.
Deze wordt geïntroduceerd als een 'welbespraakte Brit', de eerste
Europeaan die het 'gerenommeerde bureau' zal gaan leiden. Verderop wordt de
Brit omschreven als 'zachtaardig, duidelijk' en, natuurlijk, 'charismatisch'.
Davis zal verder 'vasthouden aan de waarden en normen van de firma,
bijvoorbeeld dat de indruk die McKinsey op klanten maakt onuitwisbaar moet
zijn'.
Hoe onuitwisbaar zal de indruk zijn die McKinsey heeft gemaakt op al die
klanten die het, overigens net als hun concurrenten BCG, Booz Allen en Bain,
heeft aangespoord om miljarden te investeren in overnames in de telefonie die
hebben geleid tot de grootste verliezen uit de geschiedenis van de mondiale
economie, om naar de beurs te gaan met vage e-commerce producten of om
wereldwijde kabelnetwerken uit te rollen voor de datarevolutie die zonder enige
twijfel nakende was? Met aparte 'incubators', dochterbedrijven die zich
speciaal richtten op de begeleiding van dotcom-borelingen, probeerden de
topconsultants hun deel alvast veilig te stellen van de miljarden die hun
internetbabies bij beursgang uit de zakken van de gretige belegger zouden
kloppen. Hoe onuitwisbaar is de indruk geweest die McKinsey op deze jonge
ondernemers heeft gemaakt? Een interessante vraag. Maar geen Nederlandse
journalist die hem durft te stellen. De Nederlandse media zoals NRC Handelsblad
in het geciteerde artikel houden de McKinsey-mythe zorgvuldig in stand. Voor
een echt kritisch verhaal over de boardroom consultant komen we uit bij het
Amerikaanse Newsweek dat het wel aandurft een verhaal te brengen waarin de
mythe deels wordt ontkracht en de McKinsey-consultant wordt teruggebracht tot
de normale menselijke proporties van iemand die zich net zo goed laat meeslepen
door hypes als wie dan ook en er dientengevolge in zijn advisering net zo goed
compleet naast kan zitten. Of bij de FT die er nog eens fijntjes op wees dat
McKinsey de voornaamste consultant was van Enron en de architect is geweest
achter de fatale ombouw van energieleverancier tot energiehandelaar. Daaraan
worden ze liever niet herinnerd bij McKinsey. Nimmer heeft de elitefirma meer
een woord vuil gemaakt aan het werk dat ze deden voor Enron noch ook aan de
tientallen miljoenen dollars die ze er declareerden. Op een uitzondering na:
McKinseyaan Dick Foster zei tegen een journalist van de FT 'dat hij Enron een
voorbeeld vindt van een bedrijf dat het juiste deed.' Het is aan de
journalistiek om deze grenzeloze en ook absurde arrogantie aan de kaak te
stellen. Maar niet aan de Nederlandse journalistiek die liever spreekt over de
'charismatische' nieuwe topman. Alsof het inmiddels niet overduidelijk is tot
welke excessen adoratie van topmannen kan leiden.
Voor de media in Nederland geldt in algemene zin dat ze weinig anders doen en
willen doen dan reeds bestaande vooroordelen bevestigen. McKinsey heeft
bovenmenselijke vaardigheden en charismatische leiders en die mogen ze blijven
houden. Ook topadvocaten worden door de Nederlandse media in het algemeen
gezien als onomstreden tovenaars, als de feilloze regisseurs achter het
economisch krachtenspel. Ze worden vaak gevraagd hun mening te geven over zaken
als de ingewikkelde schuldsaneringsoperatie bij Getronics waarbij obligaties
moeten worden omgeruild tegen aandelen of over de vraag of een RvB toestemming
moet hebben van aandeelhouders om een bedrijf over te nemen. Ook op radio en tv
wordt de ene advocaat na de ander gepresenteerd als deskundige bij uitstek over
onduidelijke zaken als: mag een kabinet van de koningin de BVD opdracht geven
een lid van de koninklijke familie af te luisteren zonder dat de MP op de
hoogte is? Je zou bijna gaan denken dat de media zonder de advocatuur reddeloos
verloren is.
Advocaten schrijven op opiniepagina's over tal van onderwerpen waarbij de vraag
of zij daarbij preken voor eigen parochie of cliënt slechts zelden wordt
gesteld. Voor kritiek op de advocatuur is geen belangstelling; een grote
declaratieaffaire bij een topkantoor werd door de gehele 'kwaliteitspers'
genegeerd en ook aan een voor Nederlandse begrippen ongekende ruzie tussen KLM
en hun advocatenkantoor werd nauwelijks aandacht besteed. In dit opzicht is de
relatie tussen de advocatuur en de pers er dus een van mutual benefit:
de media hebben gratis een deskundige ter beschikking, de advocaat krijgt
exposure. Dat advocaten af en toe klinkklare nonsens debiteren of worden
ondervraagd over zaken waar ze niets van weten, is hierbij van ondergeschikt
belang.
Het bevestigen van bestaande vooroordelen, dat noemde ik als de voornaamste
activiteit van de 'kwaliteitspers' in ons land. Wat zijn dan de vooroordelen
rond de advocatuur die bevestigd moeten worden, los dan van het feit dat ze
deskundig zijn, wat ze vaak ook daadwerkelijk zijn? Sinds de tv-serie LA Law
Nederland veroverde en zelfs de inspiratiebron was voor een vaderlands product,
Pleidooi, wordt advocatuur nogal geassocieerd met seks. Waar kwaliteitskranten
als De Volkskrant en NRC Handelsblad serieuze en kritische onderwerpen mijden,
wordt wel prominent plaats in geruimd voor stukken met koppen als 'Advocaten
betrapt op obsceniteit' (was zelfs de opening van het economiekatern van NRC)
en 'Juristenblad brengt quiz over sex in de City'. De eerste zin van dit tweede
stuk luidt: 'Welke drie partners van Clifford Chance hebben een affaire gehad
met dezelfde Nederlandse assistente, bijgenaamd de Amsterdam Bike?' Je kunt
erom lachen, maar het is in feite schokkend dat serieuze kranten dit soort
berichten brengen uitsluitend omdat ze naar hun mening bestaande vooroordelen
bevestigen en dus op instemming kunnen rekenen van hun lezerspubliek. Een ander
vooroordeel is dat advocaten zich hullen en excessief dure pakken, maar dat
geld dan weer alleen voor bepaalde strafadvocaten. Het Parool zette Robert
Moszkowicz zelfs op de voorpagina toen hij inkopen ging doen bij Oger Fashion
in de PC Hoofdstraat. Geen krant of tijdschrift die ooit bij een civiele
advocaat in de klerenkast gaat kijken, want dat druist weer in tegen het
bestaande vooroordeel van de 'extravagante strafpleiter'. Een derde vooroordeel
is dat de advocaat een geldwolf is die excessief declareert. Reeds in 1812
schreef de Duitse componist en dichter Franz Schubert een lied Die Advokaten
waarin de confreres stellingen betrekken als Die Expensen zu saldieren
Ist der Parteien erste Pflicht en Mein Herr wir supplizieren Die Nota zu
saldieren. Dit vooroordeel leidt tot stukken als (NRC Handelsblad) 'Redding
UPC is goudmijn adviesfirma's'. De eerste zin: 'De financiële sanering van
kabelbedrijf UPC dat nog nooit winst heeft gemaakt kost 60 miljoen Euro aan
vergoedingen voor financiële en juridische adviseurs'. Hier wordt
duidelijk stemming gemaakt, al is het wel een goede zaak dat er kritisch wordt
gekeken naar de declaratiepolitiek van de grote kantoren waar zeker wel het een
en ander op aan te merken valt. Denk bijvoorbeeld aan het inmiddels beroemde
memo van een groep CC-medewerkers uit New York die zich erover beklaagden dat
ze moesten voldoen aan zulke extreme targets dat 'cliënten het risico
liepen van overbilling'. Het memo haalde de voorpagina van de FT en alleen op
grond daarvan wijdden enkele Nederlandse kranten er ook enkele regels aan. De
titel van een in de VS zeer succesvol boek over de Wall Street Advocatuur luidt
Double Billing. De Angelsaksische pers is al volwassen genoeg om op een
open en eerlijke wijze over dit soort zaken te schrijven, maar die in Nederland
nog niet: de mythe van de onfeilbare advocaat, net als die van de consultants
van McKinsey, moet voorlopig nog in stand worden gehouden.
Wie dus als advocaat in het nieuws wil komen, kan ik geen betere tip geven dan
alle bestaande vooroordelen te gaan bevestigen. Ga dus excessief declareren en
geef je over aan sex en aan dure pakken. Of, als je een allochtoon bent en ook
nog vrouw, ga dan een hoofddoekje dragen, dat doet het altijd goed in de pers
omdat het het vooroordeel bevestigt dat allochtonen anders zijn dan wij. Op de
grote commerciële kantoren werken wel degelijk ook allochtone advocaten
die aldus een enorm belangrijke emancipatoire functie vervullen, maar dat vindt
een krant als NRC Handelsblad waar dit stuk in verscheen blijkbaar weer niet
interessant. En: wees vooral deskundig. Een slimme advocaat stuurt dus volgende
week een artikel over de relatie tussen de AIVD, de MP, de koningin en het
kabinet van de koningin naar de opiniepagina's van de grote kranten en zit
volgende week bij Barend en Van Dorp.
Net zei ik dat de Nederlandse pers 'nog' niet volwassen genoeg is om op een
eerlijke en open manier te schrijven over de zakelijke dienstverlening. Dit
heeft een aantal oorzaken. Een ervan is dat de Nederlandse media in
tegenstelling tot die in bijvoorbeeld de VS te weinig power aan de dag kunnen
leggen om tegenspel te bieden aan de advocaten die worden ingezet om
onwelgevallige publicaties over henzelf of hun cliënten uit de kolommen te
houden. Een boze brief van een groot kantoor aan een hoofdredacteur of
directielid van een krant is in de regel voldoende om het stuk tegen te houden:
het geld en de wil om de rechtsstrijd aan te gaan ontbreken. Ik heb hiervan
enkele stuitende voorbeelden meegemaakt waarbij ik de betrokken advocaten
uiteraard geen enkel verwijt maak zij gebruiken slechts de middelen
waarover ze beschikken- maar de media in kwestie des te meer. Nu we in een tijd
leven dat de media steeds kwetsbaarder worden, zie ik deze situatie zich niet
snel ten goede keren.
Maar misschien moet wel worden geconcludeerd dat de Nederlandse dagbladen als
onafhankelijke nieuwsdragers so wie so moeten worden opgegeven omdat ze te zeer
verweven zijn geraakt met politieke en corporate deelbelangen. In dit verband
is het fascinerend de verwikkelingen te volgen rond het Franse Le Monde
dat er door twee onderzoeksjournalisten in een boek met als titel La Face
Cachee du Monde van wordt beschuldigd niet langer controleur van de macht te
zijn, maar er zelf deel van uit te maken. Naar mijn stellige mening geldt dit
immers zeker ook voor de Nederlandse 'kwaliteitskranten' die zich steeds meer
ontpoppen tot propagandisten voor de macht, voor het politieke,
sociaal-maatschappelijke en economische establishment: de PvdA, de rechterlijke
macht, McKinsey, de advocatuur. Hoeveel macht de advocatuur in zich samenbalt
werd me deze week weer duidelijk toen mij het bericht onder ogen kwam dat een
partner van De Brauw Blackstone Westbroek door demissionair minister Hans
Hoogervorst is benoemd in een nieuw comité dat regelgeving moet
voorbereiden voor een nieuw systeem van corporate governance. Wacht even
.
Een leidende partner van een kantoor dat zowat de hele AEX als cliënt
heeft mag mede de regels bepalen volgens welke deze bedrijven moeten worden
bestuurd? Is een advocaat geen partijdige belangenbehartiger die zich volgens
zijn eigen gedragsregels louter en alleen mag laten leiden door het belang van
zijn client? Ja, volgens de theorie. Maar in de praktijk zit hij zelf vaak net
zo makkelijk eveneens aan het stuur van de wetgevingsmachine, op de stoel van
de rechter als rechter-plv. en zelfs ook nog op die van de commissaris van een
beursgenoteerd fonds. En daarmee is de koek nog niet op, want ook op het
wetenschappelijk onderwijs krijgt hij steeds meer grip want hij is minimaal
ergens voor 0,1 fte professor en zijn kantoor financiert een onderzoeksschool.
De parallel tussen de aanval op Le Monde en de Nederlandse kranten gaat
zelfs nog verder: waar Le Monde er ondermeer van is beschuldigd het
democratisch proces te frustreren door als belangenbehartiger op te treden voor
bepaalde partijen, loopt in Nederland nog altijd de demoniseringsaanklacht
tegen ondermeer NRC en Trouw van Spong en Hammerstein. Het verhaal is bekend
genoeg; de kranten zouden Pim Fortuyn de afgrond in hebben geschreven door hem
stelselmatig in verband te brengen met Nazi-Duitsland. Het is exact hetzelfde:
Le Monde is er immers ook van beschuldigd (ik citeer nu NRC Handelsblad
uit het stuk dat het aan deze affaire wijdde) 'vijanden willens en wetens en
zonder wederhoor te beschadigen'. Is dit geen exacte definitie van wat de
Nederlandse kranten deden met Pim Fortuyn en wat wij hier demoniseren hebben
genoemd? Hetzelfde is ook de agressieve wijze waarop de gezeten pers deze
aantijgingen afserveert. Le Monde is inmiddels een rechtszaak begonnen
tegen de twee journalisten en de gevestigde orde in ons medialand kan er niet
genoeg van krijgen de heren Spong en Hammerstein zwart te maken. Als
vergelding. Een tuchtrechterlijke veroordeling in een onbeduidende zaak tegen
Hammerstein verscheen prominent op de voorpagina van NRC Handelsblad en andere
kranten. De maatschappelijke positionering van de grote dagbladen wordt
gespiegeld door die van de grote advocatenkantoren wat betreft de verwevenheid
met de macht in de meest brede zin des woords. Geen van de advocaten die
opkomen voor 'incourante krachten' (Desi Bouterse, Willem Oltmans, Margarita,
Rene Lancee) is afkomstig van een van de grote kantoren. En als er dan al eens
iemand is die zich met elementen van dit type inlaat, zoals Wiek Slagter van
Simmons & Simmons Trenite, wordt deze snel aan de kant geschoven. Let wel:
ik ontzeg niemand de vrije keuze maatschappelijk partij te kiezen voor wie men
wil, maar voor de advocatuur geldt net als de journalistiek dat
onafhankelijkheid een van de pijlers is waarop de beroepsethiek rust.
'Partijdigheid in onafhankelijkheid' is niet voor niets de mantra waarmee
landelijk dekens de beroepsgroep regelmatig maant en toespreekt.
Als de geschetste trend bij de dagbladen zich voortzet heeft de advocatuur als
vertegenwoordiger van het establishment dus weinig te vrezen. Althans in
Nederland. Ik zie deze trend zich zeker nog enige jaren voortzetten waarbij het
instituut dagblad meer en meer zal afkalven, juist door het genoemde gebrek aan
onpartijdigheid. Dit heeft vooral te maken met het PCM-concern, uitgever van
alle landelijke kranten behalve De Telegraaf, dat alleen al door zijn omvang en
schuldpositie geheel en al verweven moet zijn met de macht in dit land.
Om deze verwevenheid te onderstrepen heb ik al bij herhaling gewezen op de
onwenselijke situatie dat veel grote kranten gebruik maken van dezelfde grote
advocatenkantoren die ook het establishment in brede zin bijstaan. In de
samenleving van de jaren zeventig en tachtig was dit wellicht nauwelijks een
probleem, maar in de juridiserende tijden van nu wordt een krant als NRC
Handelsblad keer op keer geconfronteerd met een conflict of interest van zijn
huisadvocaat bij Stibbe, het kantoor dat ook ABN Amro, Laurus en de verdachten
van de bouwfraude bijstaat, om slechts enkele voorbeelden te noemen, partijen
die de krant geacht wordt kritisch te volgen maar waarvoor het in de praktijk
optreedt als propagandist, nota bene af en toe middels artikelen die zijn
geschreven door de Stibbe-advocaten zelf. Waarom een serieuze krant als NRC
Handelsblad geen onafhankelijke advocaat neemt, een mediaspecialist van een
klein, dynamisch kantoor, is mij een raadsel.
De dagbladen in Nederland gaan een uiterst onzekere toekomst tegemoet en zullen
wellicht zelfs geheel verdwijnen ten faveure van een keur aan gratis verspreide
blaadjes als Spits en Metro die lokaal en landelijk nieuws presenteren op
snackbar-nivo. Het restant van de nieuwsbehoefte zal worden ingevuld door de
andere media (radio, tv, internet) en door straatmonitors die het passerende
publiek elke tien minuten updaten over de toestand in de wereld. Ik zag ze deze
week al hangen in de nieuwe trams van het GVB in Amsterdam. Met
nieuwsberichten. Dan blijven voor de elite-lezer de Engelstalige kranten over
die het zich wel kunnen permitteren op een serieuze en onafhankelijke manier
journalistiek te bedrijven.
Daarom denk ik dat vooral onder invloed van de Angelsaksische pers de situatie
ook voor de advocatuur zal veranderen en dat de topadvocaat net als eerder de
accountant uiteindelijk uit zijn ivoren toren zal worden getrokken en zal
worden teruggebracht tot wat hij werkelijk is: een professional van vlees en
bloed die zijn best doet. Net als de consultants van McKinsey.
Uw Lux et Libertas Ombudsman
Micha Kat
Reacties: mkat2@chello.nl
|