15-12-2003
Lopende Zaken
Op de redactie van NRC-Handelsblad is gedonder
ontstaan over het gedicht dat de Dichter des Vaderlands schreef ter ere van de
geboorte van de nieuwe prinses.
Gerrit Komrij eindigde:
"En zeg U dit: als uw
gejuich oprecht is
Zorg dat het kind een leven
krijgt dat echt is
Gun het een stem, een hart, een
eigen pad
En schop de monarchie onder
haar gat."
Tot nu toe werd ieder gedicht van de Dichter des Vaderlands op de voorpagina
geplaatst. Aanvankelijk zou dit onderaan pagina twee geplaatst worden, want men
was niet verheugd over die schop onder de gat van de monarchie. Vooral de chef
Binnenland, een trouw kerkganger, verwachtte probleempjes met de gemeente op
Zondagochtend en bleek het geval 'geen goed gedicht' te vinden. Uiteindelijk
haalde Komrij pagina drie, als compromis tussen pr eciezen en rekkelijken waar
het ons koningshuis betrof. Mijn bron in dezen is een correpondent van onze
Ombudsman. Folkert Jensma vond blijkbaar ook dat de monarchie beschermd moet
worden en nam de dichter niet in bescherming. 'Dichter des vaderlands' is als
grap begonnen, maar als je dan toch geboortes of rampen laat bezingen, doe 't
consequent, zou ik als eenvoudige lezer zeggen. Komrij verricht zegenrijk werk.
Ik herinner me dat zijn gedicht na de moord op Fortuyn dermate beledigend was
voor premier Kok dat Eric van Muiswinkel het in grote afkeer parodiëerde
bij Barend & Van Dorp. Dichter des Vaderlands zijn lijkt mij een
onmogelijke opgave, want wanneer galm je als Tollens en talm je als Larkin?
Komrij wantrouwt de meerderheid en dat bestempelt hem van nature als geschikt
voor het hoge ambt.
Moge zijn zegenrijke werk tegen schenen blijven schoppen en de gezichten van
redacteuren doen bewolken, al dan niet verbannen naar pagina drie.
In Het Parool stond een stuk van Grunberg over Gerard Reve dat vermoedelijk
bedoeld was als poging tot vadermoord. Grunberg verwijt Reve dat 'ie niet zo'n
groot schrijver is geworden als de door hem, Gerard, bewonderde Toergenjev. Mij
zal zulks aan de kont roesten. Eén passage in het zelfvoldane stuk bleef
me bij:
"Wanneer een schrijver nog tijdens zijn leven ophoudt omstreden te zijn
kan men er zeker van zijn dat hij dood verklaard is en voor niemand een gevaar
vormt. Zeg maar gerust: levend begraven."
Vermoedelijk doelt Grunberg hiermee op de jaren dat Reve niet meer als enige
het geloof der Kameraden als 'rood fascisme' aanviel; de jaren dat hij niet
meer als enige uitkwam voor zijn geaardheid en publiekelijk uitlegde waarom
zijn vorm van liefde even achtenswaardig zou moeten worden opgevat als die van
welke gezonde hetero ook.
Ik geloof er niets van dat een schrijver 'tijdens zijn leven' omstreden moet
zijn om 'levend' te blijven. Maar als Grunberg inderdaad in z'n eigen definitie
gelooft, hoe kijkt 'ie dan naar zichzelf? Is er ook maar iets omstreden aan
Grunberg zelf? Is er ook maar één opvatting van Grunberg die
tegen de heersende mening van de spraakmakende gemeente ingaat?
't Is jammer dat Reve zo aftakelt en dat de Dood hem niet eindelijk in dat
verdomde Koninkrijk Gods brengt. Maar als 't over morele moed gaat en
onafhankelijkheid van denken licht de oude Heer Reve dement en wel z'n pink en
doet zijn pedante recensent verbleken. Grunberg schoffeert niemand en zal nooit
tegen heersende vooroordelen ingaan; want Grunberg is In Orde, zo verpletterend
in orde. Ook al daarom is Reve een groter schrijver dan Grunberg ooit zal
worden.
Theo van Gogh
PS.: Elsbeth Etty blijft schrijven voor NRC-Handelsblad, op de opiniepagina
één keer per veertien dagen. Zelf noemt zij dat "een ander
ritme". Dat is één keer per week te weinig, maar toch goed
nieuws.
|